De Karel Doorman op weg naar indienststelling
(Deel 2)


Jaime Karremann
Bericht geplaatst: 22-04-2015


De Karel Doorman wordt vrijdag in dienst gesteld. Marineschepen.nl voer mee voor een reportage vlak voor de indienststelling. In dit tweede deel van de reportage de voorbereidingen en wat het JSS de komende maanden gaat doen. Omdat de Karel Doorman straks vooral als bevoorradingsschip gaat varen, extra aandacht voor de BOZ-middelen aan boord.

Karel Doorman
Wachten op de tenueinspectie. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Dit is het tweede en laatste deel van de reportage. Klik hier voor deel 1.

Bijzondere ceremonie
De Karel Doorman was natuurlijk van huis tijdens Kerstmis en de jaarwisseling door de operatie Tricolette, de noodhulpmissie aan landen getroffen door ebola.

De bemanning van de Doorman zal daarom vrijdag de herinneringsmedaille ontvangen. Die medailleuitreiking zal samen met de indienststelling plaatsvinden. Dat is een unieke combinatie, want -voor zover bekend- werd een Nederlands marineschip nooit eerder ingezet vóór de indienststelling.

Oorspronkelijk zou het schip echter eind september 2015 in dienst worden gesteld, maar dat is naar voren gehaald. Deels heeft dat te maken met de handelsmissie naar Canada. "Ja," zegt Van den Berg: "maar ook dat we een missie hebben gedaan. Want daardoor vragen veel mensen zich af 'waarom is de Karel Doorman niet Zr.Ms.?' Het schip heeft zich bewezen en is een inzetbare eenheid, weliswaar enkel voor taken laag in het geweldsspectrum.
We zitten dus in een soort schemergebied. Want officieel ben ik nog uitgeleend aan DMO als commandant van het Marine Detachement aan boord van het motorschip Karel Doorman. Met de indienststelling nemen we die onduidelijkheid weg."



Schoonschippen
Het zal vrijdag een groot evenement worden: bijna 800 genodigden gaan de ceremonie vanaf het helidek volgen. Door de grootte en door de combinatie van twee ceremonies die zich moeilijk laten combineren, is het zowel voor de organisatoren aan boord als op de wal flink plannen.

Dat gebeurt uiteraard achter de pc's en in kantoren op de Karel Doorman en blijft dus ook buiten beeld van een groot deel van de bemanning. Wat wel iedereen aangaat zijn het schoonschippen en tenueinspectie.

In één van de trappenhuizen passeer ik een matroos die een stofzuiger als rugzak om heeft en vrolijk zingt: "A clean ship… is a happy ship." Ik moet lachen en loop door, het oude gezegde dat er door de Britten tijdens trainingen wordt ingestampt laat zich niet snel transformeren tot een hit.
Met een andere matroos raak ik vervolgens aan de praat: "Ieder dienstvak is verantwoordelijk voor het schoonmaken van een deel van het schip. De ODVB [zorgt voor communicatie en netwerken, JK] doet onder andere dit trappenhuis. Normaal zijn we drie kwartier bezig met alle delen van het schip die we moeten doen, maar voor de indienststelling moeten we deep cleanen, dus zijn we al dagen aan het vooruit werken."

Op de ochtend dat het schoonschippen als de belangrijkste activiteit op het programma staat, besluit ik eerst even aan dit artikel te werken. Een fatale fout zo blijkt. Een half uur na aanvang arriveer ik op het dek waar de meeste bemanningsleden slapen. Ik verheug me -als fotograaf, begrijp me goed- op de chaos die ik ga aantreffen van tientallen druk poetsende en boenende mensen, emmers, stofzuigers, sop, dweilen, etc. Met de camera in de aanslag zwaai ik de deur open en zie… een vrijwel lege gang. Twee matrozen wandelen naar de lift, een stofzuiger met opgerold snoer rolt achter de dames aan. "Je bent te laat!" lachen ze triomfantelijk. "Je hebt alles gemist."

In een paar verblijven worden nog wat laatste strepen van de vloer gepoetst door een paar heren die moesten wachten tot de schoonmaakmiddelen weer vrij waren. Een ander dweilt nogmaals de gang en dan is het klaar. Tijd: 0900 uur, precies twee uur voor inspectie van de verblijven.

dweilen
En ook het dek is weer schoon. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Tenue uit plastic
Van de twee scheepsbrede onderdelen resteerde er nog één: tenueinspectie.
Tot en met de jaren '80 werkte men aan boord van de schepen in zijn of haar nette uniform, het daags blauw. Met de komst van de blauwe werkpakken, de baret en later het boordtenue, verdwijnt het bekende marineuniform langzaam uit het dagelijkse beeld.

Voor ceremonies moet het echter weer uit de kast worden gehaald, of in sommige gevallen uit het plastic. Voor zeker de jongere bemanningsleden is het even uitzoeken hoe het geheel precies werkt. Met vrijdag in aantocht wil de staf van de Karel Doorman zeker zijn dat iedereen zijn tenue in orde heeft en daarom moet de bemanning -in groepjes- in het juiste tenue aantreden in de hangar.

Dit keer begaf ik me ruim op tijd naar het juiste dek en trof bij de matrozen inderdaad een fotografisch fraaie verkleedpartij aan. Er was geen stress, ondanks dat meerdere matrozen tegelijk in één van de smalle, hoge kledingkasten hielpen met zoeken naar bruine leren handschoenen. Anderen hadden dringen hulp nodig bij het strikken van een stropdas en een enkeling worstelde met het hoofddeksel.

Niet veel later verzamelden de aangewezen groepen op het juiste tijdstip in de hangar, waar ieders tenue zorgvuldig werd gecontroleerd. Voor het ongetrainde oog zag het er strak uit, maar er bleek nog ruimte voor verbetering. Na de nodige opmerkingen van de onderofficier benedenschip, chef der equipage en de eerste officier, verdween iedereen via één van de vele deuren in de hangar het schip in.

Karel Doorman tenue
Een matroos doet zijn nette uniform aan in zijn slaapverblijf. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Bevoorrading op zee
Een marineschip is een interessante mix van eeuwenoude tradities en de modernste technologie.

De Karel Doorman heeft twee bootsmannen (sergeanten van de Operationele Dienst Nautische Dienst) en zij dragen op hun nette uniform met trots de bootsmansfluit, waarmee zij een enorm scala aan signalen kunnen geven: van vlag hijsen tot eerbewijzen en van vast werken tot overal.

Eén van de twee richt zich in zijn dagelijks werk vooral op de Bevoorradingen op Zee (BOZ of RAS) en het bijbehorende BOZ-tuig. Laat dat nu een belangrijke taak van de Karel Doorman zijn sinds afgelopen december de laatste bevoorrader Zr.Ms. Amsterdam uit dienst werd gesteld.

Met veel enthousiasme neemt de bootsman mij mee naar de BOZ-posities. De Doorman heeft er drie. Behalve de posities bij de masten aan stuur- en bakboordzijde, ook de grote 40 tons kraan. Hiermee is het ook mogelijk om kleinere schepen, zoals HOV's en mijnenjagers te voorzien van brandstof en water. Vergeleken met de 20 jaar oudere Amsterdam is er op de Karel Doorman ook achter de schermen het nodige veranderd. "Het is vooral digitaal geworden," legt de bootsman uit. We staan in de glazen bedieningsruimte bij één van de BOZ-masten: de bok. De bokkenist bedient vanuit deze cabine de installatie terwijl een marineschip langszij ligt om te tanken of goederen over te nemen.

De bootsman start het systeem op: "Kijk dit is een grote tablet, met veel meer informatie dan op die paar meters op oudere schepen. Hier kun je alarmen zien, informatie krijgen over elke lier afzonderlijk, wat de spanning op de jackstay is, etc." Vlug bladert hij door de vele tabbladen. "Dankzij dit systeem kan vanuit de bok veel meer worden gedaan. Op andere schepen moest de Technische Dienst systemen bijzetten, maar nu kan de bokkenist het zelf."



De van airco en verwarming voorziene bok is echter niet meer alleen voor de bokkenist, want ook de Technische Dienst -die nog altijd onmisbaar is tijdens een BOZ- heeft er een computer met beeldscherm om bijvoorbeeld de voorraadtanks te monitoren, pompen te bedienen en zodoende ook de pompdruk te regelen.

De gehele BOZ-installatie is bovendien veiliger dan op oudere schepen. Mocht er toch iets mis gaan en men wil achteraf weten wat er is gebeurd, kan een laptop worden aangesloten om alle informatie van de laatste BOZ'en te downloaden. Alle handelingen, werking van hendels en lieren wordt namelijk opgeslagen.

Minder gelukkig is de Nautische Dienst met het ontbreken van de opslagruimte voor nautische reserve onderdelen. Op de Amsterdam waren die terug te vinden in de verzamelruimtes 'garage' en 'emballageruimte' genoemd. Die zijn nu helemaal verdwenen, omdat de Doorman een immens voertuigendek heeft.

Op dit voertuigendek kunnen vele (koel- en vries)containers staan met goederen voor het eskader. Die staan dan veel dichter bij het dek dan op de bevoorradingsschepen, waar alle spullen vanuit de opslagplaatsen eerst verzameld moesten worden. De containers, goederen en munitie kunnen dmv diverse liften direct bij de laadpositie worden gebracht.

De Karel Doorman heeft de afgelopen maanden diverse bevoorradingen op zee uitgevoerd, maar de Nautische Dienst kan niet wachten tot de volgende: "We moeten ervaring opbouwen, want we hebben een vrij jonge maar leergierige ploeg. Je kunt veel leren op de wal, maar lang niet alles omdat je moet weten hoe een schip beweegt en werkt, en dat kan alleen op zee," besluit de bootsman.

eetruimte
De Nautische Dienst werkt aan het BOZ-tuig. De grote kraan kan worden gebruikt voor het bevoorraden van kleinere schepen. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Canada, Amerika en Caribisch gebied
Om te bevoorraden moet de Doorman wel eerst naar zee en dat gaat op korte termijn weer gebeuren.
"Op vrijdag 8 mei gaan we weer los," zegt commandant Peter van den Berg. Ditmaal vertrekt de Doorman voor een reis van 9 weken. "In de 10 werkdagen die wij nog binnenliggen moet nog wel heel veel gebeuren. Dus het is echt één grote renpartij, de druk blijft er wel op staan."

"We gaan dan richting een geluidsbaan bij Bergen (Noorwegen) om geluiduitstralingen te meten. Daarna steken we over naar Montreal, Canada, om de economische handelsmissie te ondersteunen. Vervolgens naar Norfolk, Amerika, voor degmagnetisering- en infraroodmetingen. Dan door naar de Caribische eilanden waar we in het kader van warmweerbeproevingen nog wat moeten doen en dan naar huis voor het zomerverlof."

Maar de reis staat niet alleen in het teken van testen. Van den Berg: "Als je met dit schip vaart, dan moet je kijken of je wat mee kunt nemen. Daarom brengen we bijna 65 voertuigen naar Curaçao, Sint Maarten en Aruba voor de landmacht en het Korps Mariniers. De oude voertuigen nemen we mee terug. Mogelijk gaan we tevens wat voor de Britten naar de West brengen en omdat we de Amerikaanse marinebasis in Norfolk aandoen, gaan we ook onderdelen van wapensystemen voor Nederlandse marineschepen vervoeren."

"Met deze transporten verdienen we de reis weer terug, want anders moet dat commercieel en dat kost een aardige duit," aldus de commandant.

Ook voor de Nautische Dienst zijn de vooruitzichten gunstig: in de West staan bevoorradingen op zee met Britse en Nederlandse marineschepen op het programma en misschien ook nog bij Noorwegen.

Een belangrijk verschil met de ebolamissie en de huidige drie weken op de Noordzee zijn de havenbezoeken: "We hebben door de missie en proefperiode continu een race gelopen. En een extra aspect van deze zomerreis is dat de bemanning eindelijk een buitenlandse haven kan bezoeken."

Oorspronkelijk zou de A833 na het zomerverlof weer drie weken gaan varen, maar dat is naar november verplaatst om iedereen wat rust te gunnen en ruimte te geven voor technische bedrijven. Vanaf januari 2016 gaat het echte opwerken van de Karel Doorman naar een operationeel inzetbare eenheid beginnen. Halverwege 2016 hoopt de Doorman toegevoegd te kunnen worden aan één van de standing naval forces van de NAVO.

Maar zover is het nog lang niet. Eerst maar eens Zijner Majesteits worden.

brug
De brug na zonsondergang. Rechts de officier van de wacht en links de roerganger. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

comments powered by Disqus





Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Privacy
Adverteren
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Flickr
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Gerelateerde artikelen
JSS
Reportage Doorman deel 1
Zijner Majesteits (Zr.Ms.)