Belgisch-Nederlandse marinesamenwerking


Jaime Karremann
Laatst aangepast: 01-04-2015


De Belgisch-Nederlandse marinesamenwerking is een oude en intensieve samenwerking. Sinds 1948 werken Nederlandse en Belgische marinemensen samen en de laatste decennia is dat zelfs dagelijks op alle niveaus en alle terreinen. Van opleidingen tot de bouw van marineschepen, onderhoud en oefeningen. Die samenwerking komt natuurlijk ook terug in missies van de NAVO en de VN, maar geen samenwerking zo intensief als deze.
Een andere langdurige en succesvolle samenwerking is die met Groot-BrittanniŽ in de UK/ NL Amphibious Force.


Leopold en Van Speijk
BNS Leopold I (ex-Karel Doorman) en Zr.Ms. Van Speijk samen in de Golf van Aden na afronding van de anti-piraterijmissie in 2014. De schepen werkten samen tijdens de missie. (Foto: Belgische marine)

BeNeSam
Geen samenwerking in Nederland gaat zo ver als die tussen de Nederlandse en Belgische marine. Sinds op 10 mei 1948 de eerste ondertekening plaatshad in het kader van de Belgisch-Nederlandse Samenwerking (BeNeSam), is het contact tussen de beide marines almaar inniger geworden. De marines zijn inmiddels zo ver in elkaar vervlochten, dat van een fusie haast sprake is.

De contacten tussen de Koninklijke Marine en de Belgische Zeemacht zijn nu uitstekend, maar verliepen in het begin niet altijd even soepel. BelgiŽ moest zich in verband met de beperkte financiŽn die vrij werden gemaakt voor de marine, concentreren op mijnenbestrijding. Dat leverde beperkingen op voor de samenwerking. Ook waren de Belgen -op politiek niveau- in het begin wat bevreesd dat de Belgische belangen onvoldoende tot hun recht kwamen in een samenwerking die door Nederland werd gedomineerd.1
Toch ging die samenwerking van meet af aan vrij ver: de marines kwamen overeen om in oorlogstijd de Koninklijke marine en de Belgische marine onder bevel van ťťn officier te plaatsen.2



Belgisch-Nederlandse opleidingen
Begin 1964 besloten de Belgische en Nederlandse marines om de mijnenbestrijdingsopleidingen samen te voegen. De twee organisaties werkten toen al 16 jaar samen, en terwijl de Belgen een nieuwe geavanceerde mijnenbestrijdingsschool hadden gebouwd (dankzij Amerikaanse steun), leidde de Nederlandse mijnendienstopleiding een zwervend bestaan langs voornamelijk zolders. Op 1 april 1965 had de verhuizing naar BelgiŽ plaats en op dinsdag 6 april 1965 kregen de eerste Nederlandse leerlingen les op de Belgische school.3 Later groeide deze samenwerking op gebied van mijnenbestrijdingsopleidingen verder uit. Kregen de Nederlandse en Belgische cursisten in het begin overwegend gescheiden les, in 1975 werd de school formeel een geÔntegreerde Belgisch-Nederlandse organisatie en ving het aan met cursussen voor NAVO-partners. In 2006 werd de Belgisch-Nederlandse Mijnenbestrijdingsschool geaccrediteerd als NATO Naval Mine Warfare Centre of Excellence.4

Bij deze samenwerking bleef het niet. Ook op de Nederlands-Belgische Operationele School in Den Helder wordt binationaal lesgegeven, hetzelfde geldt voor de marinekoks en -hofmeesters die al decennia naar Brugge gaan voor hun opleiding.


In 2011 werd stilgestaan bij vijftien jaar samenwerking tussen de Nederlandse en Belgische marine, maar dat was niet helemaal juist. De samenwerking was toen namelijk al 63 jaar oud. Wel was het vijftien jaar terug dat de twee marines waren geÔntegreerd.

Intensief
In 1970 werd afgesproken dat de Nederlandse marine de Belgische collega's zou bijstaan bij de bouw van de nieuwe Belgische fregatten (Wielingenklasse). En ook daarna ging de samenwerking steeds verder. In 1972 werd een stuurgroep opgericht die zich boog over samenwerking op gebied van opleidingen, technische ondersteuning, bevoorrading, mijnenbestrijding, juridische, financiŽle zaken en verwerving van gezamenlijk materieel. Ook werden regelingen getroffen voor het bijhouden en verbeteren van software voor de Belgische fregatten door het Centrum van Automatisering van Wapen- en Commandosystem en (CAWCS) van de Koninklijke Marine te Den Helder.

Sinds begin jaren '80 zijn de Belgische en Nederlandse marine ook op het gebied van materieel nauw met elkaar verbonden dankzij het Tripartite-project met Frankrijk waardoor de drie landen met hetzelfde type mijnenjager varen. Al was dat project voor ontwerp en bouw reeds vele jaren eerder aangevangen. Sinds de indienststelling door BelgiŽ van twee voormalige Nederlandse M-fregatten in 2007 en 2008 nog meer overeenkomsten. Met de verkoop van de M-fregatten is ook overeengekomen dat de schepen vanuit een gezamenlijk punt (Den Helder) ondersteund worden. De voor nu laatste samenwerking op dit vlak is de NH-90 helikopter, die in beide landen wordt ingezet.

Beide landen opereren behalve samen, ook met andere landen onder de NAVO paraplu. Dankzij de NAVO en de vele internationale oefeningen zijn de marines van de verdragsorganisatie uitstekend op elkaar ingespeeld en compatible. Dat draagt ook bij aan een goede samenwerking op operationeel vlak, want bijvoorbeeld de procedures voor de twee marines zijn hetzelfde. Wat onderwezen wordt op de Belgisch-Nederlandse scholen, wordt ook vaak samen in de praktijk gebracht. Nederlandse en Belgische schepen werken sinds geruime tijd veelvuldig samen. Ook opereren Belgische helikopters sinds 1996 vanaf Nederlandse schepen.



Admiraal Benelux
Niet alleen op de werkvloer wordt veel samengewerkt. Ook in de top van de organisatie is de band tussen beide marines goed te zien. Op 27 maart 1975 werd de Admiraliteit Benelux (ABNL) in oorlogstijd opgericht, sinds 1 januari 1996 zijn de operationele marinestaven van BelgiŽ en Nederland ook in vredestijd geÔntegreerd tot ťťn enkele staf. Later werd op de Nieuwe Haven het hoofdkwartier gevestigd van de Admiraal Benelux (ABNL).

De Nederlandse Commandant Zeestrijdkrachten (C-ZSK) is tevens Admiraal Benelux, zijn Belgische evenknie Commandant van de Marinecomponent is tegelijkertijd plaatsvervangend ABNL. Ook met dit gezamenlijk operationeel hoofdkwartier kunnen Nederland en BelgiŽ geheel zelfstandig besluiten tot operationele inzet van hun eigen schepen met eigen bemanningen. Dit blijft onderworpen aan een besluit van de nationale regeringen en parlementen.

Het aantal in een "memorandum of understanding" vastgelegde overeenkomsten was in 1990 inmiddels de uitgegroeid tot meer dan 30 stuks. Ze behelsden overeenkomsten op gebied van opleidingen, mijnenbestrijding, onderhoud, bevoorrading en juridische zaken.

ABNL
Op het hoofkwartier van de Admiraal Benelux wapperen de Nederlandse en Belgische vlag naast elkaar.

M-fregatten en mijnenjagers
In 2007 en 2008 kocht BelgiŽ de twee Nederlandse M-fregatten Hr.Ms. Karel Doorman en Hr.Ms. Willem van der Zaan. Hierdoor ontstond een uniek samenwerkingsprogramma: de mijnenbestrijdingsvaartuigen worden aangestuurd door het geÔntegreerde binationale marinehoofdkwartier in Den Helder. BelgiŽ is belast met de opleiding en training van de bemanningen voor de Nederlandse en Belgische mijnenjagers en het is verantwoordelijk voor de logistiek en onderhoud van deze schepen. Nederland heeft dezelfde verplichtingen voor de M-fregatten. De vier M-fregatten zijn daarom vaak in Den Helder te zien en de mijnenjagers in BelgiŽ.

In 2015 werd bekend dat in Zeebrugge een permanente Belgisch-Nederlandse onderhoudsploeg geplaatst wordt, die toezicht gaat houden op het onderhoud van alle mijnenjagers. Het team, dat zal bestaan uit 11 Nederlandse en 7 Belgische functionarissen, wordt belast met de overname van een schip, het faciliteren van het onderhoud, het borgen van de materiŽle gereedheid en de overgave van het schip na onderhoud aan de nieuwe bemanning.

Beide marines willen ook in de toekomst blijven samenwerken en onderzoeken daarom de mogelijkheden om gezamenlijk de nieuwe mijnenbestrijdingscapaciteit en de vervangers van de M-fregatten aan te besteden. Daarom werd op 30 november 2016 door de Nederlandse en Belgische ministers van Defensie een Letter of Intent ondertekend.

Overzicht
• 10 mei 1948: ondertekening van de eerste Belgisch-Nederlandse samenwerking (BENESAM)
• 6 april 1965: aanvang gezamenlijke mijnenbestrijdingsopleiding
• 27 maart 1975: Oprichting van ABNL organisatie in oorlogstijd
• 15 oktober 1985: herziening van het BENESAM akkoord
• 28 maart 1995: ondertekening ABNL akkoord (Nederlandse staatssecretaris van defensie en de Belgische Minister van Landsverdediging)
• 29 mei 1995: ondertekening akkoord tot operationele samenwerking door Commandant Zeemacht Nederland (CZMNED) en de Stafchef Zeemacht (ZS)
• 01 jan 1996: implementatie van de ABNL Organisatie in het MHKC (Marine Hoofdkwartier en Kustwacht Centrum) te Den Helder
• 01 Mei 1996: ondertekening opleidingsakkoord door Commandant Zeemacht Nederland (CZMNED) en de Stafchef Zeemacht (ZS)
• december 2012: nieuw ABNL uitvoeringsakkoord ter vervanging het akkoord tot operationele samenwerking in 1995 (intensifiŽren van de samenwerking)
• 30 november 2016: ondertekening Letter of Intent mbt gezamenlijke aanschaf nieuwe fregatten en mijnenjagers


Noten
1.Schoonoord, D.C.L., Pugno Pro Patria, De Koninklijke Marine tijdens de Koude Oorlog; Uitgeverij Van Wijnen (Franeker, 2012), pp 111
2. Homan, C., BeNeSam: 'Kroonjuweel' van internationale defensiesamenwerking!; Marineblad juni 2012, pp 15
3. Oostende, Alle Hens, mei 1965, pp. 15
4. History Eguermin, Eguermin.org, geraadpleegd op 10 juli 2013




Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Privacy
Adverteren
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Flickr
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Gerelateerde artikelen
NL en BE ondertekenen LoI
BelgiŽ wil investeren
BE-NL marine op spel
NAVO: doe M-fregatten weg

Aster klasse
Leopold klasse