Ordonnantie op de Admiraliteit


Laatst aangepast: 08-01-1488

Vertaling van de Ordonnantie op de Admiraliteit van 8 januari 1488, uit Bijdragen tot de geschiedenis van het Nederlandsche zeewezen, 1869.

groot placaetboeck
Afbeelding van scan van het Groot Placaetboeck waar in deel IV de tekst van de ordonnantie staat afgedrukt in het Frans en een vertaling in het Nederlands. (Scan door Google.)



Deze pagina hoort bij het artikel over de oprichting van de Nederlandse marine.

ORDONNANTIE 8 januarii 1487 OP DE ADMIRALITEYT DER NEDERLANDEN, EN HET VIDIMUS VAN DE MAGISTRAET VAN ANTWERPEN.

3 maart 1492.

Translaet.

Aen alle de geene die dese jegenwoordige Brieven sullen sien of hooren : Burgermeesters, Schepenen en Raed der Stadt Antwerpen, salut en dilectie ; Doen te weten : Dat wy op huyden gesien hebben, gevisiteert en naerstig geŽxamineert, sekere opene Brieven, gegeven ende geoctroyeert van onse seer hooge en seer machtige Princen, den Roomsch Koning, en mijn Heer den Eerst-Hertog sijn Soon, gezegelt met haer groot Zegel in rooden wassche, gaef en geheel, en sonder eenige suspicie, als ter eerster opsicht bleek, en welkers inhoudt hier na volgt:

MAXIMILIAEN by der gratie Gods, Koningh der Romeynen, altoos Augustus: En Philips, door de selve genade Eerts-Hertog van Oostenrijk, Hertog van Bourgogne, van Lotharingen, van Braband, van Limburg, Luxemburg en Gelder, Graef van Vlaenderen; van Tirol, van Artois, van Bourgogne, Palatin van Henegouw, van Holland, Zeeland, Namen en Zutphen, Marquis des H. Rijcks, Heer van Vriesland, van Salms en van Mechelen.

Allen den geenen die dese jegenwoordige Brieven sien sullen, Salut:

Alsoo tot onse kennis gekomen is, dat onder decksel van Oorlogen en divisien, die voor desen geweest zijn, en als noch regneren in Onse Landen van herwaerts over, eenige eygener authoriteit sig aengematight hebben, en noch dagelijcks aenmatigen, te equiperen en te wapenen Schepen ter Zee, door welke geschied zijn, en noch dagelijks gedaen werden menigvuldige kaperyen, uytschuddingen, roveryen en andere schaden, en ontelbare beswaernissen, soo wel ten laste en tot schade van onse eigen Onderdanen, en van die onser Geallieerden en Vrienden, als van andere, die op Brieven van seeckerheid en vrygeleide Onses Admiraels ter Zee behandelen en frequenteren als Kooplieden Onse geseide Landen; en dat veel abusen, excessen, delicten, enorme misdaden en quade feiten begaen werden, door de geene die de Zee bevaren, sonder dat over haer eenige straf of correctie geoeffent zij : Het welcke niet alleen streckt tot vertreding, quetsing en verachting van Onse Hoog heid en Heerlijkheid, maer oock tot irreparable nadeel en schade van de Koopmanschap, welcke is het principaelste fundament en onderhouding der gemeene saecke van onse voornoemde Landen en Heerlijkheden, en in 't bijsonder van onse Landen van Vlaenderen, Holland, Zeeland, Friesland en andere, aen de voorschreve Zee gelegen, aen dewelcke geen goed, profijt of nut kan toekomen, als door toedoen en middel van de voorschreve Zee:

Waer in willende voorsien, doen te weten, dat Wy dese saecken overwogen hebbende, en in acht genomen het groote gekerm, klachten en doleantien, die tot verscheyde malen ons hier over gedaen zijn, soo van de kant onser geseide Onderdanen, als van die onser Naburen, en andere aldus beschadigde Lieden ; op 't middel als geseght is, begerende (als reden is) het goede onderhoud en vermeerdering Onser geseide Landen ; en te beschermen onse gemelde Onderdanen, en andere daer mede trafiquerende, jegens allen overlast, onderdrucking en schade, als oock wel expres tot conservatie Onser Rechten, Hoogheid, Heerlijkheid en prseŽminentie, geconsidereert dat het niet geoorloft of toegelaten is aen iemandt, de Wapenen op te vatten, sonder onse bewilliging, toelating, ordonnantie en permissie:

Ten einde dan om ordre te stellen tot beleid der saken van de Zee, en die te reguleren in Justitie; om welcke te oeffenen, te bestieren en administreren, heeft onse Admirael de last, bediening en beleid in onsen Naem, en hebben met advis en de deliberatie van die van onsen Groten Rade, en van onse Finantien, en van vele andere Edelen, Capiteinen en Bevelhebberen ten Oorloge, midtsgaders andere notable Persoonen, sig verstaende op sodanigen materie ; gemaekt, geordonneerd en gedeclareerd, maken, ordonneren en declareren bij den inhoude deses, de volgende Ordonnantien, Edicten en Declaratien.

I. (de admiraal is gezaghebbende ter zee namens Maximiliaan, o.a. in geval van oorlog)
Eerstelijk, dat al die geene welke sal zijn onsen Admirael ter Zee, nu en voor het toekomende, die is uit oorsaecke van sijn Ampt, en sal zijn onsen Lieutenant Generael over de Zee en hare Stranden, ende in onsen naem sal hij alleen hebben, en in 't geheel, de kennisse, jurisdictie en diffinitie over alle gevallen, delicten, misdaden, excessen, en maleficien, die begaen werden op de Zee of hare Stranden, onder de groote Vloote van Mars, 't zij die begaen werden ter occasie van den Oorlog of andersins, insgelijks ook van alle contracten, die gemaekt werden om of ter sake van bevrachtingen der Schepen, en gages der Zeevarende Lieden. En door hem of sijnen Lieutenant sullen de opkomende differenten gedecideert, geappoincteert en gedetermineert werden, als mede de straffen en gedane correctien, sonder eenig uitstel ofte dilai, ten exempel van allen.

II. (geen oorlogschepen zonder toestemming admiraal en hij controleert de marineschepen)
Item, en sal niemand vermogen te bereiden een Schip ten oorloge op Zee, binnen de palen van ons gebied, sonder verlof en expresse toelating van onsen gemelden Admirael of sijnen Lieutenant, in welk geval hy sig sal informeren, of doen informeren, of 't voorschreve Schip wel digt gebraeuwt, en voorsien sal zijn van alle saken, noodig tot den Oorlogh, ende al 't geene dat aen het voorschreve Schip ontbreecken sal, dat sal hij daer inbrengen of doen inbrengen tot een redelijcke prijs.

III. (de krijgstucht)
Van gelijken sal hij weten wie het Opperhoofd zij van 't voorschreve Schip, ten einde dat onder deksel van den Oorlog, de Kooplieden van onse Landschappen, Landen en Heerlijkhe den, of die van onse Vrienden en Bondgenooten, niet gespolieerd en beroofd werden. En soo hij bevind de voorschreve Schepen genoegsaem voorsien en gewapend te zijn, en dat op de selve Hoofden en Commisen zijn, zijnde Inwoonders van onse voorschreve Landschappen, of aldaer hebbende eenig goed, sal de voorschreve Hoofden doen zweeren met de Meester en Quartier-meesters, van niet te sullen uitschudden of beroven onse Onderdanen, of die van onse Vrienden en Gealli eerden, nochte die welke hebben een vrijgeleide en sekerheid van onsen Admirael, en dat sij sig gedragen sullen wel en na behoren, in 't voeren van den Oorlog alleen tegen onse Vijanden, en dat sij sullen moeten verantwoorden voor al het dat aen haer boord is tot de Vojagie, ende beloven, dat soo iemand misdeed op Zee, sij die op haer aenkomst te Lande sullen overgeven aen onsen voorsz Admirael, om straffe ende correctie te doen, na exigentie van saecken. En sal onsen Admirael ordonneren aen de Oorlogsgasten den geseiden Meester en Quartier-meesters te gehoorsamen, op poene van te sullen swaerlijk gestraft ende gecorrigeert werden op haer wederkomste uitter Zee.

IV. (vrijwaring van personeel)
Item, wanneer eenige Armade of Oorlogs-dessein ter Zee gemaekt sal werden door Volk, staende of sullende staen tot onse besoldinge, sal de voorschreve Admirael van gelijcken doen zweeren de Hoofden van ieder Schip, ende de geseide Meesters ende Quartier-meesters, even als hier vooren, te sullen verantwoorden alle de schaden die haer voorschreve Volk souden mogen doen.

V. (regels omtrent veroverd materieel en krijgsgevangenen)
Item, van alle prijsen, die van nu voortaen sullen gemaekt werden ter Zee, door wat Volk het oock sij, houdende onse sijde, of onder deksel en couleur van onse Oorlogen, sullen de Gevangens gebracht werden aen Land, voor onsen gemelden Admirael, of sijn Lieutenant, dewelcke eerst en voor alle werk haer sal vragen en examineren, om te weten waer sij van daen sijn, en aen wie de Goederen toebehooren, indien men eenige vind in de voorschreve Schepen, om te doen resti tueren die geene welke sonder reden sullen genomen zijn of beschadigd, indien het geval soodanig bevonden werd: Ende indien eenige Schepen genomen werden hier na door onse On derdanen en Volk van Oorloge, en dat men in deselve niet en vind eenig Bootsvolk, dewijl sij haer salverende met haer klein Vaertuig of andersins, haer voorschreve Schepen gea bandonneerd souden hebben, de gemelde Admirael of sijn Lieutenant sal sig wel ende behoorlijck informeren op de voor schreve Prijsen, en ten dien einde vragen de Nemers, en ieder der selven apart, wegen 't Schip dat genomen is, wegen het Landt daer het geschied is, sal sien en doen sien de Koop manschappen, door Lieden sig daer op verstaende ; en soo hij bevind by apparentie ofte sterke prsesumptie, dat die onse Vijanden toebehoren, in dat geval sullen deselve weder gele verd werden aen de Nemers by inventaris, en nemende bij geschrift hare namen en toenamen, om, in gevalle hier na eenig vervolg gedaen wierd, ter oorsaek van de voorschreve Schepen en Koopmanschappen, haer regres te hebben op de voorschreve Nemers : En so het bleek bij eenige middelen ofte prsesumptie, als gesegt is, dat de voorschreve Schepen of Koopmanschappen toebehoorden aen eenige onser gemelde On derdanen of Geallieerden, in dat geval sullen de voorschreve Schepen en Koopmanschappen gesteld werden door onsen gemelden Admirael, in goede' en sekere bewaring, ten koste der sake ofte der Nemers, indien het geval sulcks vereist, tot sekeren competenten tijd, dat men sijn vlijt sal konnen aenwenden en de waerheid weten, en deselve geweten zijnde, vervolgens te appoincteren over de prijs, soo als in reden behoren sal.

VI. (in beslaggenomen handelswaar ongeopend overhandigen)
Item, sal de gemelde Admirael verbieden, aen alle de geene aen welken hij vrijheid geven sal van den Oorlog ter Zee te voeren, als sij eenige Schepen aentreffen, dat sij geen koffers of papieren sullen opbreken, pakken ofte balen los doen, of andere saken waer in de Koopmanschappen gepakt zijn, maer dat sij alle de Koopmanschappen, die sijlieden in hare handen vinden, door haer genomen, sullen hebben aen Land te brengen, ter kennis der gemelde Admirael of sijn Lieutenant, en dat op poene van daer over gestraft te werden als over diefstal.

VII. (schadevergoeding voor handelaren)
Item, indien de geseide Nemers verhinderen eenige Schepen, Koopluiden ofte Koopmanschappen, sonder wettige oorsake, in dat geval sal onsen Admirael behoorlijk doen restitueren alle schaden en interessen, gevallen ter oorsake van de voorschreve neminge, gelijk sijlieden gewoon zijn te rantzoeneren en exactioneren op allerhande manier.

VIII. (10% vergoeding voor admiraal van krijgsbuit)
Item, dat van alle prijsen, die gemaekt sullen werden door onse Lieden van Oorlog, onsen Admlrael, om hem te helpen dragen de kosten, misen en 't verschot, welk hem betamen sal te doen tot uitvoering van sijn Ampt, sal hebben (gelijk van allen tijden gebruikelijk is) het recht van den Tienden Penning, sonder dat iemand, wie 't oock sij, daer op iets vermag te nemen.

IX. (officiŽle papieren worden door admiraal verstrekt en admiraal is verantwoordelijk voor gevangenen)
Item, ordonneren Wij dat onsen gemelden Admirael van nu voortaen geven sal vrijheden, passagien, sekerheden en vrijge leiden, over de Zee en Stranden, nemende de gewoone rech ten der voorschreve Vrijgelei-brieven, en van de Oorlogs-gevangens, genomen op de voorschreve Zee, aen wat deel die gevangen zijn, ende gevoerd onder onse gehoorsaemheid, son der dat iemand anders, van wat staet of conditie sij zijn, ver mogen de voorschreve Vrijgeleydens te geven, of deswegen eenig recht te nemen, nochte over de voorschreve Gevangens, maer sal sulcks alleen toekomen aen onsen gemelden Admirael.

X. (de marineschepen voeren de banieren, vleugels en standaard van de admiraal
Item, ordonneren Wij, dat alle Schepen van onse gehoorsaemheid, die de Zee hanteren en frequenteren sullen, aen wien sij toebehoren, of wat voor Banieren sy voeren, sullen gehouden zijn mede te voeren de Banieren, Vleugels en Standaers van onsen gemelden Admirael.

XI.(maritieme rechtspraak)
Item, ten einde de affaires van de gemelde Admiraliteit, des te beter, gereguleerder en ordentelijker mogen beleid wor den, geregeert en gegouverneert, ende op dat Partijen aldaer te doen hebbende, mogen erlangen beter en korter expeditie van justitie, soo ordonneren Wij, dat onse gemelde Admirael sal vermogen te maken een Lieutenant ende andere Officieren van Justitie, in soodanigen plaets als hem goeddunken sal, welke Lieutenant en Mannen van den Raed sullen exerceren en administreren recht en gerechtigheden, aen ieder een, na den stijl van onse Cancelerij-raed.

XII.(admiraal mag in elke havenstad iemand aanstellen voor maritieme rechtspraak)
Item, vermits dikmael gevallen konden voorkomen op andere Plaetsen, daer de Lieutenant des gemelden Admiraels niet en resideert, soo sal de gemelde Admirael vermogen te committeren in elke Zeehaven van ons gebied, ende door ons gantse Land, Landerijen en Heerlijkheden, Lieutenant en Officieren, om te exerceren sijn Ampt, ende recht, en gerechtigheid te doen aen ieder een: En dat van alle amenden, welke geoordeeld sullen werden so bij den gemelden Admirael, als desselfs Lieutenant Generael, ofde andere geseide Lieutenants en bijsondere Officieren, de helft der amenden sal komen en toebehooren aen ons, ende tot ons profijt, waer van onsen ge melden Admirael voor ons sal houden, of doen houden rekening, en de andere helft tot sijn voordeel.

XIII. (admiraal mag in elke havenstad gevangenen plaatsen)
Item, sal de gemelde Admirael, soo dikwijls als 't hem goed dunken sal, en het geval sig opdoet, vermogen sijne Gevangens ter bewaringe te stellen in onse Steden, Fortressen en Sterkten aen de Zee gelegen, mits betalende de onkosten der voorschreve Gevangens, met beding nochtans, dat hij gehou den sij daer toe permissie te vragen aen de Capiteins der Plaetsen, eer hij aldaer eenige Gevangens inbrengt: En na dat de voorsz permissie versocht sal hebben, sullen sij het niet refuseren te doen, en hier in hem geen beletsel toebrengen.

XIV. (onderhoud van vuurbakens (ter navigatie))
Item, soo dikwils, en wanner het in tijden van Oorlog sal behoren, dat men op de Zeekanten wacht houd en vierd, so sal den gemelden Admirael doen besichtigen de voorschreve Vierbakens, en weten wat wacht en toesigt men houd op de voorschreve kusten, en soo hij hier in bevind eenige sant, waer voor Burgemeesters en Schepens der Steden (aen welke de kennis toebehoord van de voorschreve Wachten en Brandarissen) niet laten sorgen ; in dat gťval, en bij haer versuim ende nalatigheid, sal den gemelden Admirael haer dwingen te doen den toesicht, en de Vuirbakens doen maken na den eis van het geval.

XV. (regeling betreffende op strand aangespoelde voorwerpen)
Item, vermits alle weggedolven onbeheerd goed, in de aerde gevonden werdende, Ons moet competeren en toebehoren, door costume van allen tijden geobserveert in onse Landschappen, Landen en Heerlijkheden, so ordonneren Wij, dat so daer eenige qusestie ontstaet over 't geseide lagan, de kennisse daer van sal gehooren aen den gemelden Admirael ter oorsake van sijn Ampt.

XVI. (admiraal is bevelhebber van de vloot)
Item, bij aldien eenige Armee ter Zee door ons by een gebragt werd, als geseid is, en tot onsen laste, soo sal aen den gemelden Admirael toekomen de sorg, ordonnantie en kennis over deselve, soo op de Equipagie als Artillerije, Soldije en Victuailles, en sal 't Opperhooft en Capitein zijn, en als soodanig de Lantaern voeren, en salder van onsen 't wegen ge vierd werden, en moet aen hem competeren en toebehoren de Vlagge-kist, welke voorsien moet wesen met alle soort van Vlaggen en Wimpels, noodig tot zeinen in de voorseide Oorlog.

XVII. (krijgsbuit en administratieve verslaglegging)
Item, van alle Prijsen die van nu voortaan gemackt werden ter Zee, door ons gemelde Volk van oorloge, sullen de verkoopingen, buiten de verdeelingen, gemackt werden voor onsen Admirael ofte sijnen Lieutenant, welke gehouden sal zijn, onder sich te houden een Register der voorschreve buiten, om de rekening te maken, soo het de manier is, ende om naderhand recours te hebben tegen den geenen die de voorschreve buiten genoten hebben, soo men naderhand bevond dat het ten onrecht genomen was.

XVIII. (corruptie)
Item, alsoo onsen geseiden Admirael hier na soude konnen stellen tot sijne Officieren en Lieutenant, Menschen van geringen staet en kleine conditie, dewelke, om te behagen aen de Nemers, door corruptie van gaven, ofte door begeerte van des gemelde Admiraels Tienden des te grooter te maken, mochten verklaren de saken te zijn van goeden prijse, die sodanige niet souden zijn, en dat in sulk geval de beschadigde niet souden weten het hare wederom te krygen, 't welck haerlieden tot groot nadeel en ondienst zijn soude: Omme het welk tegen te gaen, so ordonneren en willen Wij, dat onsen voorschreven Admirael niet steld voor sijn Lieutenants, als seer notable Mannen, van een goed leven, verstandig ende wel gerenommeert ; welke solemneel zweren sullen, dat sij haer oordeel vellen sullen sonder eenig faveur of corruptie.

XIX. (hoger beroep)
Item, ende vermits de voorschreve particuliere Lieutenants namaels souden konnen geven eenige verkeerde oordelen, tot drukking, beswaring en schade der partijen in regtspleging voor haer zijnde, soo ordonneren Wij, dat men sal konnen appelleren, van der voorschreve particuliere Lieutenanten sen tentien, voor onsen gemelden Admirael; welke Admirael, in cas het blijkt door waerschijnelijke praesumptie of andersins suffisantelijk, dat 'er abuis ofte beswaernis was door sijn oor deel, sal reformabel konnen zijn voor onsen Persone, of die van onse Erfgenamen, Princen van den Lande.

XX. (het inkomen van de admiraal bestaat o.a. uit 10% van de krijgsbuit)
Item, soo sal sig onsen gemelden Admirael voortaen genoegen met sijn tiende der winst, en andere regten hier voren verklaerd, sonder dat hij onder deksel van sijn Ampt andere regten neme, tot drukkingh onser Onderdanen.

XXI. (de admiraal en de krijgsbuit)
Item, so de Schepen, die eenige Particuliere Burgers, Kooplieden, en andere van ons District, Landen en Heerlijkheden, op haer eigen kosten uitgereed hadden, eenige Prijsen, namen van Victuaille, Buskruit, Kanons, Panais, ofte andere Artillerije, Wij verstaen niet dat Onse gemelde Admirael die hebben moet tot sijn profijt, maer alleen zijn tiende, of de valeur der selve, maer soo daer eenige saek was in de voorschreve Prijse, die hem noodig was tot onsen Oorloge, ofte tot fournissement voor sijne Schepen, hij sal dat vermogen, mits in redelijkheid betalende sijn tiende, aftrekken, indien nochtans het sake was dat hij Admirael de voorschreve Schepen voorsien had (aldus uitgereed zijnde, van Artillerije, hy sal oock moeten profiteren van 't gewin der Artillerije welke die Schepen gewonnen heb ben, na rate der onkosten bij hem gedragen, om de voorsz Schepen met Artillerije te voorsien.

XXII. (rechtspraak)
Item, indien eenig ongeval voorviel in de Vloten of onder nemingen, alwaer sig Onsen Admirael of sijn Lieutenant in Persoon bevond, en het quam tot haer kennis, soo sal Onsen voorschreven Admirael ofte sijn Lieutenant voor haer wederkomst doen oeffenen Justitie, sonder uitstel, of haer wederkomst of te wagten, soo het alsoo is dat het geval sulks vereist

XXIII. (overige juridische zaken)
Item, en van alle andere saken welke souden mogen voor vallen, en waer van hier vooren geen verklaring of specificatie gedaen is; Wij willen en ordonneren dat onsen gemelden Admirael en sijne Lieutenants sig reguleren en gebruiken na de kostumen ende gewoontens der plaetsen daer die gevallen voorkomen, en bij aldien deselve door 't gebruik niet konnen gedecideert werden, sullen sij haer reguleren na de dispositie van het beschreve regt, sonder dat Wij met dese tegenwoor dige verstaen ergens in te willen prejudicieren aen 't regt van een ander, maer sal ieder in volle besit blijven van die sijne regten, sonder difficulteit, alles egter onder 't ressort van onsen gemelden Admirael, welken Wij door dese tegenwoordige Or donnantien, (als gesegt is) hebben gecommitteerd en geordon neerd, als Wy committeren en ordonneren by desen tot onsen souverainen Officier, op de voorschreve Zee en hare Stranden, onder de gemelde groote Vloot van Mars.

XXIV. (verklaring dat ontvangers zich houden aan de ordonnantie en de inhoud verspreiden)
Alle welke saken, en ieder der selve, Wij, tot conservatie Onser Regten, Hoogheden en Heerlijkheden, en bijsonder der Koopmanschap, willen voortaen gehouden, bewaerd ende waergenomen hebben, sonder die te verbreken, tegen te gaen, ofte te doen, en sullen sij over al gepubliceerd werden daer sulx gehoord: Over sulx gelasten Wij aen onsen beminden en ge trouwen den Cancelier en Lieden van onsen groten Raden, Cancelier en Lieden van onsen Raed in Braband; den Gouverneur en Mannen van onsen Raed in Luxemburg; de Lieutenant en Mannen van onsen Raed in Gelderlandt; den President en Mannen van onsen Raed in Vlaenderen ; den Lieutenant en Mannen van onsen Raed in Holland; de Groot Bailliuw van Henegouwen, en de Mannen van onsen Raed tot Bergen, Gouverneurs van Namen en Rijssel, Doornik en Orchies; dat sij publiceren en doen publiceren dese tegenwoordige onse Ordonnantien, op en door alle plaetsen en palen van haer gebied, alwaer men gewoon is uitroepingen en publicatien te doen; en dat gedaen zijnde, sullen sijlieden, en alle andere Onse Justicieren en Officieren en Onderdanen, die onderhouden en doen onderhouden, van poinct tot poinct, volgens haer form en inhoud, want aldus behaegd Ons dat gedaen werde. Ten oirkonde deses hebben Wij Ons Zegel aen desen tegen woordigen doen hangen. Gegeven in onse Stad Brugge den achtsten dag van Januarii in 't jaer Ons Heeren veertienhonderd seven en tachtig, en van ons Koninks Rijke het tweede. Aldus getekend by den Konink.

Wij Abt van St. Bertin en Heer van Maingoval, Groot Hof meester, en Heer van Wiere. Mr. Johan de Eynatte, Provoost van Utregt, en andere tegenwoordig zijnde. Was getekend, Goudebautt.

Ten Getuige van welke visie, lesing, visitatie, en naerstige examinatie, hebben Wij Burgemeesteren, Schepenen en Raed hier boven gemeld, doen stellen Ons Zegel, tot de saken der voornoemde Stad Antwerpen, aen dese tegenwoordige Lette ren van vidimus, desen derden dag van Maert, in 't jaer Onses Heeren veertien honderd twee en negentig, na den stijl van 't schrijven in 't Hof van Braband.
Op de plique was geschreven, Jo. de Bost.

comments powered by Disqus


Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Flickr
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Dossiers

Gerelateerde artikelen
Oprichting marine