Encyclopedie Nederlandse onderzeeboten nadert voltooiing



Door: Jaime Karremann
Bericht geplaatst: 02-05-2016 | Laatst aangepast: 02-05-2016


In 1906 werd de eerste Nederlandse onderzeeboot in dienst gesteld. Nu, 110 jaar later, hebben in totaal 60 onderzeeboten onder Nederlandse vlag gevaren. Over die onderzeeboten is het nodige geschreven, maar een gedetailleerd naslagwerk over al die boten (inclusief de huidige) ontbreekt. Nog even dan, want in 2017 komt eindelijk een reusachtige boekwerk over die subs uit. Eindelijk; historicus Gerard Horneman heeft er al ruim 30 jaar aan gewerkt.

Gerard Horneman
Gerard Horneman heeft in 30 jaar een reusachtig onderzeebootarchief opgebouwd. Dat resulteert in een 'limited edition' encyclopedie. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Begin jaren '80 las Gerard Horneman (70) een artikeltje in een tijdschrift: "Daar stond zulke klinkklare onzin in over de geschiedenis van een onderzeeboot, dat ik besloot om de geschiedenis wél goed op te schrijven".

We zijn inmiddels ruim 30 jaar verder en Horneman heeft zich aan zijn voornemen om het beter te doen gehouden. Wat heet, Horneman heeft inmiddels een gigantische database gebouwd vol foto's en gegevens over de Nederlandse onderzeeboten. Het boek waar de Zaankanter aan werkt telt al meer dan 3.500 pagina's.



Wie denkt dat het magnum opus van Horneman bedoeld is als leesboek voor een regenachtige herfst én winter, zit er naast. "Het is geen boek in romanvorm," legt Horneman uit: "het is een monografie, waarin ik probeer om alles van de onderzeeboten zo goed mogelijk te omschrijven. Dus de technische details, maar ook alle havenbezoeken, ongelukken, reddingen op zee, oefeningen en bemanningen. Als ik weet waar hij gesloopt is, wordt dat ook nog beschreven. Het is, zoals één van mijn kinderen zei, meer een telefoonboek."

Gerard Horneman studeerde M.O. geschiedenis en Museologie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, werkte in de jaren '70 met het Instituut Maritieme Historie mee aan het in kaart brengen van de Nederlandse marineschepen tussen 1795 en 1815. Tot zijn pensionering werkte hij als beheerder van het Czaar Peterhuisje te Zaandam. Horneman is als vrijwilliger verbonden aan de Traditiekamer van de Onderzeedienst en het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH).

Driecilinder
Hr.Ms. Dolfijn, een Driecilinder-onderzeeboot. (Foto: Koninklijke Marine)

2017
Encyclopedieën staan vol met details en dat maakt het schrijven van een naslagwerk zo lastig. "Het moet natuurlijk helemaal correct zijn, maar dat krijg je nooit. Er zijn zoveel hiaten in de archieven. Van de eerste Nederlandse onderzeeboot Hr.Ms. O1, daar bestaat niet eens een scheepsjournaal van. Dan moet je via artikelen en krantenknipsels en persoonlijke brieven uit bijvoorbeeld de Traditiekamer van de Onderzeedienst, je gegevens halen. Zo zijn er meerdere boten waar vreemd genoeg geen enkel journaal van is. Bijvoorbeeld van Hr.Ms. O13 ook niet, geen enkel journaal."

De O13 verging in 1940 en is de enige Nederlandse onderzeeboot die nog steeds niet gevonden is. Maar de O13 was toen al bijna 9 jaar in dienst. Horneman: "Ook van de scheepsjournalen uit die jaren vóór de Tweede Wereldoorlog, is geen spoor meer te bekennen. Dat is juist het gekke, het idiote. Het lijkt wel of die bewust van de aardbodem zijn verwijderd. Nou doet de O13 echt zijn naam eer aan, het was een schip dat vaker ongelukken had. Zo had het voor de Tweede Wereldoorlog al twee aanvaringen gehad. Misschien is dat het wel geweest."

Veel archiefmateriaal is verloren gegaan. "Tijdens de Tweedewereldoorlog zijn Nederlandse archieven gestolen door de Duitsers, na afloop van de oorlog werden archieven weer door de Sovjets in beslag genomen. Waaronder veel foto's. Die liggen nog in Rusland en wij weten er weinig over."

"Er is ook veel weggegooid omdat men het niet belangrijk vond. Bijvoorbeeld het Nederlandse oorlogsarchief uit Schotland, waar de onderzeeboten opereerden. Na de bevrijding in 1945 is het hele archief overgebracht naar Rotterdam. Maar daar gaf iemand opdracht om het oorlogsarchief te vernietigen. Dat is toen ook gebeurd. Dus ik moet nu voor gegevens uit die tijd naar Londen, omdat de Britse admiraliteit wel wat heeft bewaard over Nederlandse onderzeeboten. Toch is er ontzettend veel verdwenen."

Ondanks al die ontbrekende gegevens staat 2017 als publicatiejaar voor Horneman vast: "Dan wil ik het gewoon gepubliceerd hebben. De Onderzeedienst viert in dat jaar dat de marine 111 jaar geleden de eerste onderzeeboot in diens stelde."

expositie Damen
De eerste Nederlandse onderzeeboot Luctor et Emero ("Ik worstel en kom boven"), in dienst gesteld als Hr.Ms. Onderzeesche torpedoboot no. 1, en later Hr.Ms. O1. De foto werd gemaakt rond 1906. (Bron: GAV KMS T513.1620)

Eureka, de geschiedenis is weer een stukje completer
Gelukkig doet Horneman ook zo nu en dan interessante ontdekkingen. "Af en toe roep ik 'Eureka!'. Dan heb ik weer wat gevonden. Zo was ik bij het NIMH in een doos aan het zoeken die niets te maken had met onderzeeboten. En plotseling kwam ik een verslag tegen over een onderzeeboot. Dat is daar waarschijnlijk gewoon tussen gestopt met een verhuizing van het instituut. Dan ben je hartstikke blij."

In het boek van Horneman zullen ook veel nooit eerder gepubliceerde foto's staan. "Kleurenfoto's zelfs!" zegt de historicus trots: "Ik heb een hele serie kleurenfoto's van Hr.Ms. KXV gevonden."

Die vondsten zijn prachtig, maar als ze gedaan worden na publicatie, kan dat een nachtmerrie zijn voor de auteur. Horneman heeft daar ervaring mee. De auteur heeft ook het standaardwerk geschreven van de Onderzeedienst in de Tweede Wereldoorlog, bestaande uit vier dikke boeken. "Als ik dan nieuwe informatie ontdek, blijkt er soms iets niet te kloppen in mijn boek. Vroeger kon ik er niet van slapen, maar nu denk ik weer: 'Eureka, de geschiedenis is weer een stukje completer.'"

Die nieuwe kijk moet een overwinning zijn voor Horneman, want hij is een man van de details. "Commandantenplaatsingen bijvoorbeeld. Als ik dan een papier vind waar in staat 'per ingaande van ... commandant', vraag ik me af of die officier geacht wordt om commandant te worden of ís hij dan al commandant. Het scheelt dan maar een paar dagen, maar verdorie, ik wil het wel goed hebben."

Details
En van details stikt het in Hornemans werk. Niet alleen over onderzeeboten rond de Tweede Wereldoorlog, maar ook de recentere boten komen uitgebreid aan bod. Over sommige boten heeft Horneman genoeg gevonden om 120 pagina's aan te wijden, andere boten moeten het doen met 30.

Als het even kan is Horneman zo uitgebreid mogelijk: "Ook over de modernere boten probeer ik alles in het boek op te nemen: van de tewaterlating tot de sloop. Dus havenbezoeken, aankomsttijden, vertrektijden, waar ze zijn geweest, wat ze gedaan hebben, welke oefeningen ze hebben doorlopen, verbouwingen. Al vind ik maar iets over dat de watervoorraad van 10.000 liter naar 12.000 liter gaat, dan beschrijf ik dat. Het is puur gegevens invoeren en geen commentaar geven."

"Ik wil ook graag weten wie er aan boord is geweest. Samen met de Traditiekamer stel ik lijsten op van bemanningsleden."



Sterk gelimiteerde oplage
Een belangrijke doelgroep voor het boek bestaat uit familieleden die meer willen weten over hun vader of opa die bij de Onderzeedienst werkte. Bij de Traditiekamer komen regelmatig vragen over dit onderwerp binnen.

Natuurlijk is het boek ook bedoeld voor mensen die geïnteresseerd zijn in de geschiedenis van de Nederlandse Onderzeedienst, maar Horneman rekent niet op een grote belangstelling. "Rijk word ik er niet van. Het zullen geen oplages zijn van 10.000 exemplaren. Het laatste boek dat ik geschreven heb, ging over Hr.Ms. O19, daar hebben we 50 exemplaren van laten drukken en daar zijn er 35 van verkocht." Horneman houdt rekening met minder dan 20 belangstellenden voor zijn levenswerk.

De oplage van de encylopedie zal dus sterk gelimiteerd zijn. Horneman gaat zijn werk in eigen beheer uitgeven. De historicus is bang dat uitgevers er een "A5-boekje" van maken, terwijl hij vindt dat het op A4-formaat moet komen. Het naslagwerk zal bestaan uit 18 delen en zal hoogst waarschijnlijk bij intekening verkocht gaan worden.

Zover is het nog niet. "Meer dan 90% van het typewerk is gedaan. Het is nu alleen nog maar aanvullen en verbeteren. Vlak voordat jij kwam zag ik weer dat ik een paar data door elkaar had gehusseld. Als je er al 30 jaar mee bezig bent, dan kom je wel eens dingen tegen die gecorrigeerd moeten worden. Als ik dan bijvoorbeeld een datum zie die 20 jaar geleden misschien niet goed is ingevuld, dan moet ik dat weer helemaal in het archief opzoeken. Dan blijkt het toch 'juni' en geen 'juli' te zijn. Dan heb ik weer wat verbeterd. En zo gaat het maar door."



comments powered by Disqus


Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Privacy
Adverteren
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Flickr
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Nieuwsoverzicht

Gerelateerde artikelen
Walrusklasse
Zwaardvisklasse
Driecilinder
O12klasse