Wereldwijde successen voor Spaanse scheepswerf Navantia


Bericht geplaatst: 19-05-2011

De Spaanse scheepswerf Navantia heeft dankzij de flinke bestellingen van de Spaanse marine een groot aantal buitenlandse successen weten te boeken. Het Spaanse Ministerie van Defensie heeft bekend gemaakt dat de werf de afgelopen jaren voor maar liefst 4,1 miljard euro aan contracten heeft kunnen sluiten met 35 miljoen uur aan werk voor buitenlandse marineschepen. Navantia doet duidelijk mee met de Europese top als het gaat om export van marineschepen.



Spaanse nieuwbouw
Navantia, in bezit van de Spaanse overheid, heeft veel baat gehad bij het grootste moderniseringsprogramma in de Spaanse marinegeschiedenis. Het gaat dan vooral om het vliegkampschip/ LHD Juan Carlos I en de F-100 Ńlvaro de BazŠn klasse fregatten. In iets mindere mate leverden de S-80 onderzeeboten, de BAM/ Meteoro klasse patrouilleschepen en bevoorrader SNS Cantabria nieuwe contracten buiten Spanje op.

De successen
De Juan Carlos I is in 2010 in dienst gesteld. Het 360 miljoen kostende vliegkampschip is door AustraliŽ uitgekozen als ontwerp voor hun nieuwe Canberraklasse. Van de vijf F-100 fregatten (kosten: ruim 500 miljoen euro per stuk), is het eerste schip in 2002 in dienst gesteld en het laatste volgt in 2012. Ook deze klasse heeft de Australische marine weten te overtuigen en zij hebben drie schepen besteld gebaseerd op het Spaanse ontwerp. Eerder bestelde de Noorse marine voor zo'n 2 miljard euro vijf iets kleinere versies van de F-100 fregatten.

Juan Carlos I
De Spaanse trots Juan Carlos I. Dit ontwerp zullen we ook terug zien in de twee schepen van de Canberra klasse.

Gelet op de enorme nieuwbouwplannen van AustraliŽ, is Navantia er alles aan gelegen om de verkregen voorsprong op concurrenten te behouden. De Spaanse scheepswerf zal graag de nieuwe Australische onderzeeboten bouwen en de nieuwe bevoorrader; op de tekentafels in Madrid liggen nog recente ontwerpen. Hetzelfde geldt voor de Australische wens voor een nieuwe klasse Offshore Combatant Vessels (OCV). Deze schepen zijn patrouilleschip, mijnenjager en hydrografisch opnemingsvaartuig in ťťn. Met het BAM/ Meteoro ontwerp, komt Navantia al dicht in de buurt van de Australische wensen.

F-100 Alvaro de Bazan
Het eerste fregat van de Spaanse F-100/ Álvaro de Bazán klasse. De F-100 fregatten zijn familie van de Nederlandse LCF'en en zijn besteld door Australië en Noorwegen.

Hobart
Schaalmodel van de Australische variant op de F-100 fregatten: de Hobart klasse. (Bron: Taskforce 72)

Voor de Australische marine heeft Navantia bij nieuwe projecten een streepje voor omdat het al schepen van Spaanse makelij (die overigens deels in AustraliŽ worden gebouwd) heeft besteld. Voor onderhoud, opleidingen, reserveonderdelen, etc is het veel beter en goedkoper om meerdere schepen van hetzelfde ontwerp in de vloot te hebben. Daarnaast is de Amerikaanse marine de belangrijkste partner van de Australische marine in de onrustige wateren van Zuid-Oost AziŽ, en veel Spaanse schepen maken gebruik van Amerikaanse sensor-, wapen- en commandosystemen.

Fridtjof Nansen
Het Noorse fregat van de Fridtjof Nansen klasse is een 10 meter kleinere versie van de Spaanse F-100.

Maar het succes blijft niet beperkt tot AustraliŽ en Noorwegen. Ook werkt Navantia (samen met de Franse werf DCNS) aan onderzeeboten voor India en aan acht patrouilleschepen voor Venezuela. Een aantal jaar terug leverde Navantia ism DCNS twee onderzeeboten aan MaleisiŽ.

POVZEE
Het Venezolaanse patrouilleschip PC-22 Warao van de POVZEE of Caribe klasse vlak na de doop op de scheepswerf Navantia in Spanje.

Nederland investeert nauwelijks
Andere grote Europese werven zijn het Franse DCNS en het Duitse HDW. Zij zijn ook nog altijd succesvol op de maritieme markt. De Nederlandse scheepswerf Damen Schelde Naval Shipbuilding doet ook zaken over de grens, maar de successen zijn beduidend minder dan die van de Franse, Duitse en Spaanse collegaīs. De Schelde heeft duidelijk te lijden onder de steeds verder krimpende Koninklijke Marine. Zoals directeur Hein van Ameijden half april nog in de regionale Zeeuwse krant PZC meldde, zijn innovatieve projecten voor de Nederlandse marine belangrijk voor de export van marineschepen. Volgens de krant moet de Schelde na de zomer tijdelijk het overdekte dok 1 sluiten. De Schelde bouwt nu aan de vier OPV's van de Holland klasse en de JSS Karel Doorman. Van projecten in de verdere toekomst is op dit moment geen sprake.

De exportsuccessen van de Schelde betreffen vooral de Sigma klasse schepen: fregatten voor Marokko en korvetten voor Indonesie. Ook de Rotterdam klasse heeft wat opgeleverd dankzij de Britse marine die een variant op licentie liet bouwen in de UK.
Dat staat in schril contrast met de situatie op de Spaanse werf, maar in tegenstelling tot Navantia wordt de Schelde niet gesteund door de Nederlandse overheid.



Verschuiving naar het oosten
Al enige jaren is te zien dat de Westerse marines veel minder investeren dan de marines in AziŽ (plus AustraliŽ) en Zuid-Amerika. Westerse scheepswerven en wapenleveranciers richten zich daarom al geruime tijd steeds meer op die markten. Maar de vraag is hoe lang dat nog kan. Naarmate een marine professioneler wordt, heeft het namelijk steeds minder interesse in tweedehands schepen, en vervolgens wil het nieuwbouw uit eigen land. Dat laatste is namelijk makkelijker en sneller zakendoen, bovendien wordt de kennis in eigen land gehouden (veiligheid) en vindt er uitwisseling plaats tussen personeel van beide organisaties met verbetering van kennis.

Deze trend is al te zien in bijvoorbeeld BraziliŽ. Waar het eerder de grote schepen alleen tweedehands kocht, gaat het nu ook grote schepen zelf ontwerpen. Ook India gaat verder: in 2011 wordt de eerste in India ontworpen en gebouwde nucleaire onderzeeboot in dienst gesteld. In de verre toekomst kan die markt waar Westerse scheepswerven zich nu op richten sterk veranderd zijn, doordat Aziatische en Zuid-Amerikaanse marinewerven de schepen zelf bouwen, en bovendien marineschepen gaan exporteren. Als dan de binnenlandse markt in Europa ook slecht is, kunnen de werven wel ophouden.

In Madrid schijnt de zon
Voorlopig ziet de toekomst er op het hoofdkantoor in Madrid nog zonnig uit. Na vele onrustige jaren van fusies, splitsingen en naamwijzigingen lijken -sinds Navantia in 2005 ontstond- de successen door te zetten bij de Spaanse marinebouw. Navantia heeft ongeveer 5.500 personeelsleden en op drie werven worden de marineschepen gebouwd: Cartagena Shipyard (Cartagena), Ferrol Shipyard (Fene) en Puerto Real Shipyard (San Fernando).


Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Flickr
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Nieuwsoverzicht

Gerelateerde artikelen
Ńlvaro de BazŠnklasse
Canberraklasse LHD
Hobartklasse destroyers
Herkomst F100 fregatten
Juan Carlos I vliegkampschip
Hr.Ms. Rotterdam
Caribe klasse