Internationale interesse in nieuwe Belgische en Nederlandse mijnenbestrijdingsvaartuigen


Door: Jaime Karremann
Bericht geplaatst: 05-12-2019 | Laatst aangepast: 05-12-2019


De nieuwe mijnenbestrijdingsvaartuigen die momenteel voor BelgiŽ en Nederland worden ontwikkeld, staan nu al bij veel landen in de belangstelling. Dat zegt de CEO van Naval Group in een interview met Marineschepen.nl. De interesse is een positief signaal voor de Mijnendienst, en natuurlijk een prachtig vooruitzicht voor de bouwers Naval Group en ECA.

Belgium Naval Robotics
Zijaanzicht van het toekomstige Belgisch-Nederlandse mijnenbestrijdingsvaartuig. De sensoren, radars en andere zichtbare systemen zijn ter illustratie. De aanbestedingen voor al die (en nog veel meer) onderdelen worden nu pas opgestart. Dat betekent dat Nederlandse bedrijven alsnog kans hebben om 'aan boord' te komen. Maar of dat ook echt gaat gebeuren, wordt bepaald door Naval Group. (Beeld: Belgium Naval & Robotics)

Tijdens een drukbezochte borrel die vorige week in een bescheiden ruimte van het voormalige cruiseschip SS Rotterdam werd gehouden, ging het natuurlijk vooral over het onderzeebootprogramma. Samen met de Nederlandse partner IHC lijkt Naval Group met steeds meer vertrouwen in de race te zitten. Zo was het Clingendael-medewerker Dick Zandee, eerder niet erg overtuigd van het belang van onderzeeboten, die deze week in een item van EenVandaag zijn voorkeur voor de Fransen uitsprak.

Maar op het gebied van mijnenbestrijdingsvaartuigen (MCMV) is de toekomst pas echt rooskleurig voor Naval Group. Dat bleek tijdens de toespraak van CEO Hervť Guillou die hij hield tijdens de receptie. En dat herhaalde Guillou een dag later in een interview tegenover Marineschepen.nl.



Jarenlange zoektocht
Lang was de mijnenbestrijdingswereld grofweg opgedeeld in twee delen: mijnen vegen en mijnen jagen. Een mijnenveger maakte de mijnen onschadelijk met een mijnenveegtuig dat achter het schip werd gesleept. De, later geÔntroduceerde, mijnenjager spoort met sonar onder het schip de mijnen op en laat ze door een drone of duiker onschadelijk maken.

Beide methoden hebben echter gemeen dat het moederschip heel dicht bij de mijnen komt. En dat is een risico, bovendien gaat het ruimen van mijnen zo erg traag.

Alle landen met mijnenbestrijdingsmiddelen liepen tegen deze problemen aan. Maar de oplossing leek er niet te zijn. Na decennia van discussies, tests en onderzoek, namen de Nederlandse en Belgische Mijnendiensten enkele jaren terug een belangrijk besluit. Zij kozen voor het standoff-concept en beschreven hoe zij dit zagen. Simpel gezegd blijft het moederschip buiten de mijnendreiging en een keur aan (varende, vliegende) drones knapt het vuile werk op.

Omdat de beide mijnendiensten internationaal hoog staan aangeschreven en in BelgiŽ de mijnenbestrijdingsschool van de NAVO is gevestigd, kreeg die keuze extra gewicht.



Internationaal in de schijnwerpers
Aan Belgium Naval & Robotics, het consortium van de Franse bedrijven Naval Group en ECA, nu de eer om dit concept te verwezenlijken. Zij wonnen de aanbesteding eerder van consortia waar Damen, Thales en Saab in samenwerkten. De twaalf schepen worden in Frankrijk ontworpen en gebouwd, de drones in BelgiŽ.

Die overwinning levert Naval Group niet alleen direct werk op, maar als eerste bouwer nog veel meer: "De Belgische en Nederlandse mijnenbestrijdingsvaartuigen zijn de eerste van een nieuwe generatie," zei Guillou. "Daarom is dit project extreem belangrijk voor BelgiŽ en Nederland, en voor Naval Group."

Guillou: "Veel landen hebben hun interesse getoond in dit MCM-project. Tot op heden zijn dit Frankrijk, Groot-BrittanniŽ, AustraliŽ, de Verenigde Arabische Emiraten, Oman en de NAVO-gemeenschap."



De volgende stap voor Belgium Naval & Robotics is natuurlijk het verzilveren van deze kansen en marktleider te worden op gebied van mijnenbestrijdingsvaartuigen. Maar er is meer, eerder deze week berichtte Marineschepen.nl over het systeem voor het lanceren en aan boord halen van onbemande vaartuigen, LARS. Bij MARIN in Wageningen werd dit systeem met succes beproefd. "Naval Group heeft zijn expertise aangetoond en het LARS-systeem gevalideerd. Hiermee is de weg vrijgemaakt voor marines om ook met een USV [onbemand scheepje, JK] onder moeilijke omstandigheden te opereren," schreef Belgium Naval & Robotics in het persbericht.

Deze spin-off levert ook enorme kansen op, want steeds meer landen willen ook vanaf andere schepen (fregatten, hydrografische opnemingsvaartuigen, etc) met USV's opereren. Dat kan, maar een geschikt launch & recovery systeem ontbrak.



Nederlandse bedrijven liften misschien toch mee met Fransen
De (voormalige) concurrenten zien het succes van Naval Group met lede ogen aan. Belgium Naval & Robotics scoorde volgens Defensie beter, maar bood ook 10% lager dan de andere partijen. Een medewerker die bij een van die concurrenten werkt verzuchtte laatst: "We hadden de mijnenbestrijdingsvaartuigen eigenlijk tegen kostprijs moeten aanbieden, of misschien wel met verlies. Dat hadden we later dubbel en dwars weer terugverdiend."

Terwijl afspraken gemaakt zijn over geld dat terug moet vloeien in de Belgische economie, zijn die afspraken niet gemaakt voor Nederland. (Net zomin op voorhand is bepaald dat de Belgische industrie een rol moet spelen in de nieuwe fregatten.) Maar wat Guillou betreft hoeven Nederlandse bedrijven niet aan de zijlijn te blijven. Ook zij krijgen een kans om te profiteren van het Franse succes.

De schepen die BelgiŽ en Nederland begin dit jaar bij Belgium Naval & Robotics bestelden, waren op dat moment schetsen. Pas na de contractondertekening begon de ontwerpfase ťn moeten talloze leveranciers worden gecontracteerd. Het gaat om leveranciers van brandblussystemen, platformmanagementsystemen, radars, etc. Dat is een traject dat sinds vorige week loopt.

Gelet op de internationale kansen willen veel bedrijven natuurlijk, letterlijk en figuurlijk, aan boord. Dat gaat echter niet zomaar. Guillou: "De Nederlandse industrie wordt ook uitgenodigd voor deze tenders. Maar natuurlijk moeten zij rekening houden met stevige concurrentie."

Of de Nederlandse industrie straks echt een graantje mag meepikken van de twaalf Belgisch-Nederlandse schepen, bepaalt Naval Group. En als dat lukt, wil dat nog niet zeggen dat zij ook aan boord blijven in geval van verkoop naar andere landen. De kans is dat Belgium Naval & Robotics dan ook lokale leveranciers kiezen. Nederlandse bedrijven hoeven zich met de internationale interesse dan ook niet rijk te rekenen. De exportkansen van het Belgisch-Nederlandse concept zijn er vooral de twee Franse bedrijven.



comments powered by Disqus


Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Privacy
Adverteren
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Instagram
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Nieuwsoverzicht

Gerelateerde artikelen
LARS getest