Slag bij Tsushima (deel 1)

Bookmark and Share
Laatst aangepast: 23-04-2013
Door: Onno de Meer/ Jomini


De oorlog tussen Rusland en Japan (1904-1905) werd beslist in de zeeslag bij Tsushima. Onno de Meer (online boekhandel Jomini) beschrijft in twee delen voor Marineschepen.nl hoe het Russische eskader na een voor die tijd gigantische reis vanuit de Oostzee richting Japan voer en vervolgens verpletterend werd verslagen. Het treffen tussen de twee vloten zorgde voor een schokgolf door de wereld en zeker door de marinewereld.

Deel 2 vindt u hier.


Tsushima
De Japanse vloot in aanloop naar de slag. (Bron: Wikimedia Commons)

Na maanden op zee te zijn geweest, keek schout-bij-nacht Zinovi Petrovitch Rozhestvenski, mistroostig naar het optrekken van de beschermende mist. Deze mist had de Russische vloot beschermd bij het naderen van de Straat van Tsushima, de strategische zeestraat tussen Japan en Korea. Vermoeid en op van de stress hadden de bemanningen van zijn vloot, en hijzelf, opgezien tegen dit doel van de reis. Een reis die was begonnen in Kronstadt in de Baltische zee aan de andere kant van de aardbol. Met het kolengruis knarsend tussen zijn tanden en het kolenstof diep in zijn longen zag Rozhestvenski de Japanse kruiser Izumi in de verte. Ze waren ontdekt en werden geschaduwd.

Rozhestvenski verliet Kronstadt, nabij Sint Petersburg, met zijn vloot op 15 oktober 1904. De Russen waren sinds de ochtend van 8 februari 1904 in oorlog met Japan. In de vroege uren van de 8e februari snelden Japanse jagers naar het Eerste Pacific Eskader van de Russische Marine. Ze losten daar, onaangekondigd, hun dodelijke ladingen met torpedo's op de bij Port Arthur buitengaats liggende Russische schepen. Japan zou een dergelijke aanval 37 jaar later herhalen tegen de Amerikaanse vloot in Pearl Harbor.



"At last! An ice-free port." (citaat uit het dagboek van Tsaar Nicolaas II)
Port Arthur ligt in wat nu China is en staat nu bekend als de mega-havenstad LŁshun. Eind 1800 werd Port Arthur door China voor 25 jaar in lease gegeven aan het zich uitbreidende Rusland. Rusland groeide gedurende de 19e eeuw fors in oostelijke richting, waarbij grote stukken van SiberiŽ werden bezet. Deze gebieden, de Amoer en Maritieme provincies, werden in 1860 bij het Russische gebied gevoegd. Dit gaf Rusland de kans om voor het eerst in SiberiŽ een marinehaven te bouwen. Deze haven zou Vladivostok worden. Vladivostok werd een van de drie belangrijke marinehavens van het Russische rijk. De andere twee waren Sint Petersburg (in de Oostzee) en Sebastopol (in de Zwarte zee). Sebastopol was een ijsvrije haven, maar kon niet vrij worden gebruikt, onder andere nadat met het Verdrag van Parijs (1856) Rusland werd verboden er een marinehaven te vestigen. Sint Petersburg en Vladivostok waren wel vrij te bereiken, maar waren niet het hele jaar ijsvrij. De behoefte aan ijsvrije havens bleef bestaan. Met de verkrijging van Port Arthur werd deze behoefte ingelost.

Japan was eeuwenlang een volledig gesloten eilandstaat. Na een korte kennismaking met Portugal in de 17e eeuw, keerde het zich definitief van de buitenwereld af. De Portugezen hadden met hun kolonisatiedrang de Japanners tegen zich gekregen. Holland werd rond die tijd ook actief in AziŽ en stond de Japanners bij in hun strijd tegen de Portugezen. Als beloning voor deze steun werden de Hollanders voor Japan het venster op de rest voor de wereld, terwijl Japan zich steeds meer van de buitenwereld ging afsluiten. Holland, en daarna Nederland, kreeg toegang tot het eiland Deshima, gelegen vlak voor de Japanse stad Nagasaki. Vanaf Deshima werd handel gedreven tussen beide landen, maar werden ook de diplomatieke belangen van Japan met de rest van de wereld geregeld.

Met de uitbreiding van Rusland naar het Oosten kwamen de twee landen eind 18e eeuw met elkaar in contact. De zelf opgelegde "Sakoku"("gesloten land")-politiek van Japan werd nog strakker aangezet en de Japanse gebieden die nog niet eerder onder bestuur waren gebracht, zoals de Koerillen, kregen alsnog Japans bestuur. Alle toenaderingspogingen van Rusland werden stelselmatig afgehouden. Wel werden Nederlandse boeken over Rusland in het Japans vertaald, zodat kennis over deze onbekende buurman werd opgedaan. De eerste helft van de 19e eeuw gaf Japan enige rust, maar vanaf 1853 werd de Westerse druk zo groot, dat Japan gedwongen werd om het land open te stellen voor contact met het buitenland. De openstelling leidde tot een versnelde overgang naar een Westerse maatschappij.

Zowel de uitbreiding van de invloedsfeer van Rusland, als het toenemende zelfbewustzijn van de Japanners zorgden voor toenemende spanning tussen beide landen. Rusland verscheen in 1861 met een oorlogschip voor de rede van Tsushima om Japan te dwingen tot inschikkelijkheid rond het eiland Sakhalin, dat onder gezamenlijk beheer stond van beide landen. Engeland werd als wereldleider te hulp geroepen bij het conflict met Rusland. Een Engels eskader onder leiding van Vice-admiraal Sir James Hope verscheen voor Tsushima, waarop de Russen inbonden. Hiermee werd een basis gelegd voor het latere bondgenootschap tussen Japan en Engeland, dat in 1902 werd gesloten.

Japan realiseerde in hoog tempo een modernisering van zijn strijdkrachten, waarbij voor wat betreft de marine naar Engeland werd gekeken. Verschillende schepen werden op Engelse werven besteld en vlak voor de aanval op Port Arthur beschikten de Japanners over zes moderne slagschepen. Naast de zes moderne Engelse slagschepen, beschikte Japan ook nog over een, in 1894 op de Chinezen buitgemaakt, verouderd slagschip.
De Russen begonnen in 1902 hun haven te verbeteren en delen van de Russische vloot naar Port Arthur te brengen. In eerste instantie bestond deze vloot uit twee slagschepen aangevuld met gepantserde kruisers. Later werd vloot verder aangevuld met schepen uit Vladivostok. In Port Arthur ontstond op deze wijze het Pacific Eskader. Port Arthur was alleen nog lang niet geschikt om een dergelijk belangrijk eskader te kunnen huisvesten.

De slag om Port Arthur.
Bij de aanval op 8 februari 1904 bestond het Russische Pacific Eskader, onder leiding van Vice-admiraal Stark, uit zeven slagschepen: de Petropavlovsk, de Poltava, de Sevastopol, de Peresvyet, de Pobeda, de Tsesarevich en de Retvizan. In de Oostzee en de Zwarte zee bevonden zich in totaal nog eens tien andere slagschepen in verschillende stadia van onderhoud. De Japanse vloot bestond uit zes parate slagschepen: de Mikasa, de Asahi, de Shikishima, de Hatsuse, de Fuji en de Yashima. De Mikasa was het vlaggenschip van admiraal Togo Heichachiro.



Pobeda
Het slagschip Pobeda. (Bron: Wikimedia Commons)

Bij de verrassingsaanval van 8 februari 1904 werden de Russische schepen volkomen verrast. Hierdoor liepen alle kapitale schepen in meer of mindere mate schade op. De Japanners lieten de volgende stap niet lang wachten en dat waren landingen op het Koreaanse vasteland, waarbij ze met het 1e leger naar het Noorden oprukten. Het Japanse 1e leger, onder leiding van Generaal Kuroki, trok eind april 1904 over de rivier de Yalu die Korea en Mantsjoerije van elkaar scheidt. De primaire taak van de Japanse vloot hierbij, was om de Japanse landingen op de Koreaanse kust te dekken en de Russische vloot in de haven van Port Arthur werkeloos te houden. Togo ondernam een aantal pogingen om de haven van Port Arthur te blokkeren met blokschepen. Deze pogingen mislukten keer op keer en sloten de havenmond niet af, maar vernauwden haar slechts.

De hele aanvoer van troepen, materieel en voorraden van de Japanners moest vanuit Japan over de Straat van Tsushima de oversteek maken naar Korea. Een vrije en vooral veilige oversteek was voor de Japanners van levensbelang. Na het 1e leger zouden er nog drie legers landen. De aanvullingen overzee liepen voorspoedig en de Russische bemanningen in Port Arthur kenmerkten zich door lusteloosheid en een slecht moreel.

De slechte resultaten van Stark betekenden het einde van zijn commando en hij werd vervangen door de geliefde Vice-admiraal Makarov. Makarov was een bekend Russisch strateeg en had zich onderscheiden in de oorlog tegen Turkije (1877). De komst van Makarov betekende het einde van de lethargie binnen het Pacific eskader. Hij begon met grote oefeningen en zorgde dat het moreel weer steeg. Bij een poging van Togo om Port-Arthur te beschieten, liep de Russische vloot uit om het gevecht aan te gaan. Het vlaggenschip Petropavlovsk, met Makarov aan boord, liep daarbij op een mijn en verging. Makarov kwam daarbij om het leven. Het verlies van Makarov betekende het einde van de hoop voor het Pacific eskader.

Het gevecht eindigde onbeslist en ook Togo moest zich terugtrekken. Een aantal weken later verloor Togo zelfs twee slagschepen aan mijnen, de Hatsuse en de Yashima. Hiermee hadden de Russen een strategisch voordeel in kapitale schepen. Maar de landoperaties verliepen voor de Russen slecht. Port-Arthur lag op een schiereiland en dat was door oprukkende Japanse troepen afgesneden van de overige Russische eenheden. Het 3e Japanse leger onder leiding van Generaal Nogi Maresuke nam de belegering op zich. Het schiereiland werd op 14 mei 1904 afgesloten van de overige Russische troepen, waarna de belegering een aanvang nam. Het 3e leger nam het offensief en drong de verdedigers langzaam terug het schiereiland op.

In Sint Petersburg werden de ontwikkelingen in de Oost met argwaan bekeken. Zowel het Russische leger, als de vloot in Port-Arthur slaagden er niet in om een vuist te maken tegen de numeriek zwakkere Japanse tegenstander. Vanwege de oprukkende Japanse troepen bij Port-Arthur, had de opvolger van Makarov, schout-bij-nacht Vitgeft opdracht gekregen om uit te breken en de vloot naar Vladivostok te brengen. De beslissing om uit te breken naar Vladivostok was genomen en de vloot zou op 13 juni 1904 uitvaren. Japanse inlichtingendiensten werkten optimaal en Togo wist dat als er een uitbraak zou plaatsvinden, wat dan het doel zou zijn: Vladivostok. De Japanners waren uitstekend op de hoogte van de Russische plannen. Het vertrek van de vloot naar Vladivostok werd gepubliceerd in een speciale uitgave van de lokale krant Novoye Krai.

Admiraal Togo
Admiraal Togo Heichachiro in 1907. (Bron: Wikimedia Commons)

Ondanks het overwicht was het moreel onder de Russen slecht. Na het verlaten van Port Arthur ontmoetten de twee eskaders elkaar, de Russen met een overwicht in slagschepen, de Japanners met een overmacht aan kruisers en jagers. Na een korte schermutseling keerden de Russen terug naar de haven van Port Arthur. Hierbij liep het slagschip Tsesarevich schade op door contact met een mijn. Omdat de ontsnapping van het eskader naar Vladivostok nog steeds prioriteit had, werd in augustus een nieuwe poging ondernomen. De situatie op land was inmiddels zo ernstig geworden, dat de bemanningen en de batterijen van de schepen op het land werden ingezet tegen de troepen van het 3e leger van Nogi. De kanons en bemanningen keerden begin augustus weer terug aan boord. Op 10 augustus, rond het begin van de dag, verliet het Pacific eskader voor de tweede keer Port Arthur, nu op direct bevel van de Tsaar.

De schepen die de haven verlieten waren al gehavend door continue beschietingen door de schepen van Togo. Vitgeft had een zwaar gemoed in zijn kansen. "Heren, we zien elkaar in de andere wereld", was zijn weinig opbeurende commentaar naar zijn staf. Na een redelijk voorspoedig begin, ontmoetten de twee eskaders elkaar rond het middaguur. De twee eskaders voeren eerst parallel, waarna Vitgeft een korte koerscorrectie uitvoerde. Hij verwachtte Japanse mijnen in zijn vaarroute. Togo zette alles op alles om dwars voor het Russische eskader te geraken voor een maximaal effect van zijn kanons ("to cross the T"). Op een afstand van 13 kilometer (zeer grote afstand voor het geschut van die tijd) opende Togo het vuur. Vanwege het overwicht van Vitgeft bleef Togo voorzichtig. Gedurende lange tijd bleven beide eskaders vrijwel parallel varen. De Mikasa, het vlaggenschip van Togo ontving aanzienlijke treffers waardoor de achtertorens werden uitgeschakeld. Door het lange gevecht met wederzijdse treffers leek tegen de schemering Vitgeft te slagen in zijn poging om uit te breken naar Vladivostok.

Shikishima
Het Japanse slagschip Shikishima vuurt. (Bron: Wikimedia Commons)

Om 17:45 sloeg het noodlot voor Vitgeft echter toe. Een voltreffer op de brug van de Tsesarevich en een tweede treffer direct daarna eveneens op de brug raakten Vitgeft. Alleen een been van de schout-bij-nacht werd teruggevonden en alle overigen op de brug waren gedood of zwaar gewond. Het vlaggenschip werd stuurloos en door de grote hoeveelheid doden op de brug werd het onmogelijk om het schip te besturen. De Tsesarevich draaide uit linie en kwam vrijwel stil te liggen. De andere Russische slagschepen volgden in eerste instantie het vlaggenschip, maar kregen al snel door dat het geraakt en onbestuurbaar was geworden. Togo dirigeerde maximaal vuur op de Tsesarvich, maar snel optreden van de Retvizan, zelf zwaar getroffen en last van 500 ton water in ondergelopen compartimenten, verhinderde een "kill" van het zwaar getroffen vlaggenschip. Dit snelle optreden van Kapitein Shchensnovich, dwong Togo om het gevecht tussen de slagschepen af te breken. Togo zag de chaos bij de Russen als een uitstekend moment om zijn overmacht jagers in te zetten.



De situatie bij de Russen was door het stuurloos raken van de Tsesarevich en het sneuvelen van Vitgeft heel onoverzichtelijk geworden. Het optreden van de Retvizan gaf Prins Ukhtomski (commandant van de slagschipdivisie) de ruimte om de restanten van de Russische vloot te hergroeperen. De vlaggenseinen werden bemoeilijkt door de vele neergeschoten masten. Ukhtomski slaagde er in om de slagschepen Pobeda, Sevastopol en Poltava en de kruiser Pallada te groeperen en richting Port Arthur te draaien. Dit was het sein voor totale desintegratie van het Russische eskader. Met Ukhtomski op weg naar Port Arthur, zochten alle nog varende schepen een eigen goed heenkomen.

Door de verspreiding en chaos binnen het Russische eskader waaierden de schepen uit in alle windrichtingen. Ukhtomsky ging terug naar Port Arthur, de weer op stoom gekregen Tsesarevich vertrok richting de Engelse haven Kiaochou, de kruiser Askold en een jager gingen op weg naar Shanghai. De kruiser Diana vertrok naar Saigon. Het enige schip van het eskader dat op 10 augustus 1904 vertrokken was naar Vladivostok en daar ook daadwerkelijk aan kwam, was de kruiser Novik.

Alle schepen die naar neutrale havens waren gevlucht werden daar opgelegd en uit het conflict gehaald. Togo was niet in staat gebleken om enig schip van de Russen tot zinken te brengen, ondanks de chaos die optrad na het sneuvelen van Vitgeft. De Japanse jagers deden nog wel aanvallen op de restanten onder weg naar Port Arthur, maar ook die slaagden er niet in om successen te boeken.

Met de slag in de Gele zee was de eerste acte van het treffen tussen Rusland en Japan geschreven. De tweede acte, de slag bij Tsushima, moest nog beginnen.




Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Flickr
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Dossiers

Gerelateerde artikelen
Slag bij Tsushima deel 2