Slag bij Tsushima (deel 2)

Bookmark and Share
Laatst aangepast: 25-04-2013
Door: Onno de Meer/ Jomini


Deel twee van het stuk van Onno de Meer (online boekhandel Jomini) over Slag bij Tsushima, die in 1905 de oorlog tussen Rusland en Japan beslechtte.

Na maanden van traag wachten zag Kapitein Morikawa in de vroege, donkere ochtend van de 27e mei 1905 een vreemd schip door de nacht schuiven. Als commandant van de Japanse hulp-kruiser Shinano Maru maakte hij deel uit van het Hulp-Eskader dat was toegevoegd aan de 6e en de 7e kruiserdivises. Met zijn omgebouwde vrachtschip moest Morikawa samen met de overige schepen het gebied afgrendelen tussen Goto (Japan) en Quelpart (Zuid-Korea). Sinds de Slag in de Gele Zee in augustus 1904 en de val van Port-Arthur op 2 januari 1905 was het wachten op de Russische vloot uit Sint Petersburg begonnen.

Morikawa had aan geen van de acties kunnen deelnemen, maar nu was het lange wachten beloond. De zwak flikkerende lichten in de verte waren van een schip dat zijn mensen als het Russische hospitaalschip Orel hadden herkend. Het voer alleen, maar de rest van de Baltische vloot moest in de buurt zijn. Maar waar? Morikawa zag dat de Orel lichtseinen begon te verzenden. Er moesten dus meer schepen in de buurt zijn. De jacht op de Russische vloot was begonnen!



De onzalige reis om de wereld
De vloot die Morikawa had ontdekt was een bijeengeraapte hoop met Russische schepen die op 15 oktober 1905 de laatste Russische haven in de Oostzee verliet. Deze vloot werd het 2e Pacificeskader genoemd. Het 1e Pacificeskader was de vloot die op dat moment opgesloten lag in Port Arthur, strategisch verslagen tijdens de Slag in de Gele Zee in augustus 1905. Hoewel in de strategische planning van de Russen een Baltische vloot ter ondersteuning van het 1e Pacificeskader was voorzien, was het nieuw gevormde 2e Pacificeskader een bij elkaar geraapte hoeveelheid schepen. Zes slagschepen vormden de ruggengraat van deze vloot, waarvan een aantal net van de werf afkwamen en dus nog niet waren getest. Het eskader had bij vertrek veel last van technische mankementen en ongeoefende bemanningen. Door de voortdurende slechte berichten uit het oosten was het moreel van de bemanningen heel laag.

Vice-admiraal Zinovi Petrovitch Rozhestvenski had een grote hoeveelheid aan problemen om zijn nieuw gevormde eskader gevechtsklaar te krijgen. Naast de ongeoefendheid en het slechte moreel, was er een nog veel groter probleem voor zijn vloot. Zijn eskader moest voor de grote reis naar AziŽ worden voorzien van kolen. Vanwege de grote afstand die moest worden afgelegd vormde dit een groot probleem. De bondgenoot van Japan, Groot-BrittanniŽ, blokkeerde alle pogingen om de Russen van kolen te voorzien. Frankrijk, dat op dat moment een geheim verdrag had met Rusland, probeerde de Russen wel zo veel mogelijk te helpen zonder de eigen neutraliteit in gevaar te brengen. De grootste bijdrage in de bevoorrading werd echter door Duitse schepen geleverd. Schepen van de Duitse Hamburg-Amerika lijn leverden deze voorraden.

Rozhestvenski
Vice-admiraal Zinovi Petrovitch Rozhestvenski.

De Russische bemanningen waren slecht getraind en waren door berichten van Japanse spionage nerveus. Eenmaal buiten de Oostzee en op de Noordzee trof de vloot van Rozhestvenski in een mistbank ter hoogte van de Doggersbank, een vloot Engelse vissersschepen. Door de nervositeit werden deze aangezien voor Japanse schepen die een torpedo aanval zouden willen plegen. De vissersschepen werden onder vuur genomen, wat twee doden en zes gewonden tot gevolg had bij de Engelse vissers. Een vissersschip zonk, maar ook de Russische kruiser Aurora werd door eigen vuur geraakt. Een Russische aalmoezenier raakte dodelijk gewond. De Engelse reactie laat zich raden en de hele situatie leidde tot een bijna-oorlog met Groot-BrittanniŽ.

Het eskader kwam met een aantal tussenstops aan in Nossi-Bť voor de kust van Madagaskar. Op deze plek werden de zaken voor Rozhestvenski alleen maar zorgelijker. Het slechte moreel had inmiddels geleid tot een steeds grotere invloed van de communistische bemanningsleden. Muiterijen dreigden elke dag en niemand geloofde eigenlijk nog in een overwinning. Op advies van marineofficieren die waren achtergebleven werd er nog een derde eskader gevormd. Dit eskader bestond uit nog oudere schepen dan het 2e Pacific-eskader en werd onder bevel gesteld van Schout-bij-nacht Nicholas Nebogatov. Rond kerst vertrok dit nieuw gevormde 3e Pacific eskader naar de Oost.

Op 17 maart 1905 verliet het 2e Pacific-eskader Nossi-Bť richting Wladiwostok. Rozhestvenski zat niet te wachten op een oude afgeschreven vloot en was blij om onder stoom te gaan. Ondertussen was de slag bij Mukden rampzalig verlopen voor de Russen en was ook ter land de oorlog zeer slecht aan het verlopen. De geplande bevoorrading in Madagaskar had niet de beloofde munitie geleverd, waardoor de munitie voorraden laag bleven door de vele schietoefeningen. Het niveau van geoefendheid bleef schrikbarend laag.

Nederlandse neutraliteit in gevaar
Om in Wladiwostok te komen waren er verschillende manieren. Een daarvan was door de Straat van Malacca, langs Singapore. Een andere mogelijkheid was door de Straat van Sunda. Daarna was dan de vraag hoe Japan zou moeten worden benaderd. Via het noorden, via Straat La Perouse (tussen Sakhalin en Japan) of via de Straat van Korea, langs het eiland Tsushima. De meest veilige weg was om weg te blijven uit de wateren van Japan en Engeland. Rusland overwoog om te bevoorraden in de territoriale wateren van Nederlands-IndiŽ. Nederland zou "niet zo'n probleem" maken van zo'n actie. Vanwege de strikte Nederlandse neutraliteit was de Nederlandse regering er veel aan gelegen om een dergelijke actie van de Russen te voorkomen. Nederland maakte de neutraliteitsverklaring aan beide oorlogvoerenden bekend.

Nederland had bij het uitbreken van de oorlog in 1904, het pantserschip Hr.Ms. Koningin Regentes en de pantserdekschepen Hr.Ms. Gelderland, Noord-Brabant, Holland, Utrecht en Hr.Ms. Friesland in Nederlands-IndiŽ. Het pantserschip Hr.Ms. Koningin Regentes had geschut van maximaal 24 cm. De pantserdekschepen hadden geringer geschut van maximaal 15 cm. Gaande de ontwikkeling van de strijd in Manchurije, en Rusland steeds duidelijker maakte dat het 2e Pacific-eskader naar Japan zou gaan, nam Nederland steeds duidelijker maatregelen. In de Straat van Malacca werd het kolenlaadstation Sabang als potentieel kwetsbaar punt gezien. De Nederlandse vloot werd versterkt, waarbij de vloot werd verdeeld naar de twee meest waarschijnlijke naderingsmogelijkheden, de Straat van Malacca en Straat Sunda. De zwaarste Nederlandse schepen, de pantserdekschepen, moesten het qua aantal en bewapening afleggen bij een eventuele confrontatie met de vloot van Rozhestvenski. De Russische slagschepen Suvorov, Imperator Alexander III, Borodino, Orel, Navarin en Zisoj Velikij hadden een bewapening van maximaal 30,5 cm. Ook numeriek waren de Russische schepen in het voordeel. Inmenging door Japanse kruisers, die tegen Russische bevoorradingsschepen zouden opereren, werd ook verwacht. De Nederlandse schepen werden gereed gemaakt voor optreden tegen zowel Russische, als Japanse schepen.

Noord-Brabant
Pantserdekschip Hr.Ms. Noord-Brabant van de Hollandklasse.

Uiteindelijk eindigden de voorbereidingen van Nederland met een anticlimax. Door berichten uit Singapore, bleek dat de eskaders van Rozhestvenski en later Nebogatov, voor Singapore langs, richting Vietnam(Frans Indo China) voeren. Beide eskaders verzamelden zich op 7 mei 1905 in de baai van Camranh. De succesvolle passage van de Straat van Malacca had het Russische moreel weer een stuk beter gemaakt. Door diplomatiek optreden van de Japanners werden de Fransen nu echter gedwongen om striktere eisen te stellen aan de Russische vloot. Rozhestvenski werd hierdoor gedwongen zich buiten de territoriale wateren te begeven.
Rozhestvenski was door Sint Petersburg verplicht om op het eskader van Nebogatov te wachten. Met een steeds assertiever wordende Franse overheid vertrok Rozhestvenski uit de baai van Camranh om in een verlaten baai alsnog voor anker te gaan.

De laatste reis.
Nadat Nebogatov bij Camranh was verschenen, gaf Rozhestvenski op 9 mei een algemene order uit naar alle bemanningen met daarin zijn beeld van de komende gevechten. Nadat het eskader van Nebogatov was voorzien van nieuwe voorraden, vertrok de gehele vloot op 14 mei. De vloot was opgedeeld in drie divisies slagschepen, onder leiding van respectievelijk Rozhestvenski, Felkerzam en Nebogatov. Naast deze divisies waren er twee divisies kruisers, twee divisies jagers en een logistiek eskader. De algemene leiding lag bij Rozhestvenski en schout-bij-nacht Felkerzam was zijn plaatsvervanger.

De opbouw van de vloot was als volgt: de twee divisies van Rozhestvenski en Felkerzam waren aan stuurboordzijde, de divisie van Nebogatov en een kruiser divisie aan bakboordzijde. De tweede kruiserdivisie was als verkenner voor de vloot gepositioneerd en de logistieke schepen waren tussen de twee achterste divisies geplaatst. Op papier een zeer indrukwekkende strijdmacht met maar liefst twaalf slagschepen, tegen de vier Japanse slagschepen. In de praktijk waren veel slagschepen sterk verouderd. In het gevecht zouden de Russen geen kans hebben tegen de Japanse moderne schepen. Het verschil in geoefendheid tussen beide vloten was schrijnend groot. De grote reis van de Russische vloot was weliswaar een prestatie van formaat, zeker gezien de bevoorradingsproblemen, maar tot een betere geoefendheid van de vloot had de reis niet geleid. Manoeuvreren met de vloot was nauwelijks verbeterd en door munitiegebrek was het met de geschutvaardigheid niet veel beter. Als laatste was het moreel door de grote hoeveelheid Russische nederlagen en de slechte bevoorrading zeer slecht. Gevaar voor muiterijen was continu aanwezig.

De plaatsvervanger van Rozhestvenski, Felkerzam, was sinds het vertrek uit Nossi Bť in Madagaskar, ernstig ziek geworden en lag inmiddels op sterven. Formeel was hij commandant van de tweede divisie slagschepen en plaatsvervanger van Rozhestvenski, maar in de praktijk bleek dat onmogelijk. Op 24 mei 1905 overleed Felkerzam en zo vlak voor de slag, wilde Rozhestvenski het moreel niet verder onder druk zetten. De dood van Felkerzam werd stil gehouden voor de vloot en het commando van de tweede divisie kwam bij de commandant van het slagschip Oslyabya te liggen. Ook de vlag van Felkerzam bleef op de Oslyabya te zien. Nebogatov was van deze situatie niet op de hoogte, wat tijdens de slag belangrijke gevolgen zou krijgen.

De Japanse admiraal Togo was na de maanden van voorbereiding klaar voor het gevecht met de Russische vloot. Hoewel numeriek in de minderheid voor wat betreft slagschepen, had de Japanse vloot een groter overwicht aan kruisers, torpedoboten en jagers. Alle schepen waren na de vernietiging van de Russische vloot in Port Arthur gevecht gereed gemaakt. De Mikasa, het vlaggenschip van Togo, was hersteld van de schade die het had opgelopen in de Slag in de Gele Zee en ook andere schepen waren weer gevechtswaardig. De problemen met de munitie die Togo had in de Gele Zee, waren opgelost en de Japanners hadden belangrijke lessen tactische lessen getrokken uit de gevechten van augustus 1904. Togo had de drie routes bestudeerd die de Russen konden nemen en zette zijn kansen op de route door de Straat van Tsushima en dan vooral de straat tussen Goto en Quelpart door. De route boven Japan langs, door de Straat van La Perouse, was onaannemelijk gezien de grote logistieke problemen die de Russische vloot had. In mei 1905 lagen de Japanse kruiserdivisies bij Tsushima te wachten op de Russen.

Na het vertrek uit Camranh op 14 mei was Togo er op gebrand om zo snel mogelijk een signaal te krijgen welke route Rozhestvenski zou gaan nemen. Als hij toch door de Straat van La Perouse zou gaan, dan had Togo verkeerd gegokt. Hij zou dan met hoge snelheid moeten proberen Rozhestvenski alsnog te pakken te krijgen. Toen een week later, op 23 mei, er nog steeds geen signaal was gekomen van de Russen, begon Togo zich ongerust te maken. Zou hij zich toch hebben vergist?

Na een herbevoorrading op zee, besloot Rozhestvenski zijn bevoorradingsschepen weg te sturen naar Shanghai. Hij wilde zijn handen zoveel mogelijk vrij hebben tijdens het gevecht en nam toen dit besluit. Dit besluit bleek een grove fout te zijn van Rozhestvenski. Togo had verwacht dat Rozhestvenski veel sneller door de Straat van Tsushima zou varen dan hij deed. Togo begon zich om die reden ongerust te maken of hij wel de juiste beslissing had genomen. Hij stond op het punt om te gaan onderzoeken of Rozhestvenski niet alsnog via de Straat van La Perouse was gegaan, toen Togo het bericht binnen kreeg dat de Russische bevoorradingsschepen in Shanghai waren aangekomen. Deze gebeurtenis was het signaal waar Togo op had zitten wachten. Zonder bevoorradingsschepen zou Rozhestvenski niet om de noord gaan. Rozhestvenski moest dus wel langs Tsushima komen.

Rozhestvenski stuurde zijn schepen langzaam richting Tsushima, de mist in. Er lag een dikke laag mist rondom de Straat van Tsushima, die de waarneming door de Japanners bemoeilijkte. Alle Russische schepen hadden de lichten gedoofd en er was een strenge radiostilte afgekondigd. Het ging lang goed, totdat de waarnemers op de Shinano Maru, de Orel op 27 mei om 03:30 uur in de gaten kregen. Het Russische hospitaalschip voer tegen de orders in met licht en werd daardoor waargenomen. Het bericht van de waarneming werd aan Togo doorgegeven en anderhalf uur later verliet de Japanse vloot de haven van Masan om de Russen te onderscheppen.

Tsushima
Kaart slag bij Tsushima (auteur: Historicair)

Het originele plan van Togo omvatte zeven fases, waarbij de eerste twee fases aanvallen met torpedoboten en jagers waren. Vanwege de zeegang en het relatief late waarnemen van de Russen door de Japanners, moesten de torpedoboten en jagers terugkeren naar hun havens. De derde fase van het plan van Togo, de aanval met de kapitale schepen, moest gelijk goed zijn. Deze aanval zou om 14:00 uur moeten plaatsvinden. Langzaam begonnen de Japanse schepen zich rond de Russen te concentreren. De kruiser Izumi schaduwde de Russische vloot al enige uren en rond 10:00 uur kwamen de andere schepen van de Japanse 3e kruiserdivisie in zicht. Voor de Russen werd het nu spannend. De Russen hadden om 09:00 uur de zuidkant van het eiland Tsushima gerond. Ze waren nu begonnen aan het sluitstuk van hun reis naar Wladiwostok. Was het mogelijk om het te redden?



Zonder dat de Japanse slagschepen in de buurt waren, kwamen de Japanse kruisers binnen schootsafstand om waarneming te doen. Enkele schoten van het slagschip Orel deed de Japanse kruisers weer vertrekken. De schoten waren wel tegen de strikte orders van Rozhestvenski afgevuurd en tekende de weinig gedisciplineerde vloot. Na het vertrek nam Rozhestvenski een andere positie in met de 1e en 2e slagschipdivisies. Een kleine koerswijziging moest de slagschepen aan bakboordzijde brengen om de Japanse dreiging te kunnen weerstaan. Togo zou zich richten op de relatief zwakke zijde van de Russen, de 2e en 3e divisies aan bakboordzijde.

Om 13.19 uur kwamen de Russen uit de mist en naderden de beide vloten elkaar. Terwijl de Japanse vloot initieel aan bakboordzijde van de Russen voer, maakte Togo een zodanige manoeuvre, dat hij voor de Russische vloot langs voer en daarmee aan stuurboordzijde op parallelkoers kwam. Omdat Rozhestvenski bij de ontmoeting met de Japanse kruisers de 1e divisie aan bakboordzijde had geplaatst was de zwakke zijde bij de Russen verplaatst naar stuurboordzijde. Deze zijde had Togo om 13:49 uur bereikt en bracht hem in de positie om, binnen geschut afstand "To cross the T". Rozhestvenski bevond zich nu in een dubbel nadelige positie. Togo had door zijn positie de mogelijkheid om meer vuur uit te brengen ťn de sterkere Russische schepen bevonden zich aan de verkeerde zijde van de Russische vloot.

Het gevecht nam in alle ernst toe, nadat Togo de afstand sterk had verkort, een les die hij uit de Slag in de Gele Zee had geleerd. Door deze sterk verkorte afstand, was Togo beter dan Rozhestvenski in staat om treffers te scoren. De Oslyabya en de Suvorov kregen het zwaarste vuur te verduren. De Oslyabya werd zwaar getroffen en nadat een van de Japanse kruiserdivisies dichterbij kwamen en haar onder vuur namen, was het snel afgelopen. De Suvarov kreeg al snel eenzelfde lot, waarbij dit vlaggenschip van Rozhestvenski grote schade opliep. Rozhestvenski raakte daarbij zwaar gewond. Vanaf 14:45 uur werd de Russische vloot zo hevig en geconcentreerd onder vuur genomen dat de cohesie in de vloot begon te verdwijnen. De Aleksandr III richtte zich toen direct op de Japanse slagschepen, wat de mogelijkheid gaf aan de Borodino om met de rest van de vloot in de mist te verdwijnen. Zelfs de zwaar aangeslagen Suvarov slaagde er in om in de mist op te gaan.



De Russische vloot werd rond 17:00 uur weer door de Japanse kruisers gevonden, waarna Togo snel hernieuwd contact maakte met zijn slagschepen. Nu niet meer met een numeriek overwicht, werd het gevecht heropend. Met Rozhestvenski gewond, Felkerzam dood en Nebogatov onbekend met het feit dat hij nu de leiding had, was de vloot zonder effectieve leiding. Veel overgebleven Russische schepen hadden zware schade en waren de bemanningen op het randje van paniek. Het gevecht werd om 18:00 uur hervat. Al snel zonken de Suvarov, de Borodino en de Aleksandr III. Nu begreep Nebogatov dat hij de hoogst aanwezige commandant was en trachtte hij met de overgebleven schepen te vluchten. Door slechte discipline werden de resterende schepen wederom gevonden. Deze keer verspreidde de vloot zich in alle richtingen en zocht iedereen een goed heenkomen. Een aantal schepen werd tot zinken gebracht en een aantal schepen zocht een neutrale haven op. Nebogatov probeerde alsnog Wladiwostok te bereiken, maar werd later definitief gevonden. Na een korte schermutseling koos hij er voor om de weinige schepen die hij nog onder zijn bevel had, over te geven aan Togo. Uiteindelijk slaagden alleen de kruiser Almaz en de jagers Grosny en Bravy, Wladiwostok te bereiken.

Slagschip Aleksander III
Slagschip Aleksander III

De oorlog beslist.
Met de verliezen te land na de Slag bij Mukden en het definitieve verlies van de Russische vloot, restte er voor de Russen weinig anders dan vredesbespreking aan te gaan. Hoewel Japan nu definitief de heerschappij ter zee had verworven, was bij de Japanners de rek er ook uit. Een voorstel van de Amerikaanse president Theodore Roosevelt voor vredesbesprekingen werd door beide partijen aanvaard. De positie van Japan onder de grootmachten van de wereld was definitief gevestigd. In Rusland braken overal revoluties uit die ternauwernood bedwongen konden worden. In 1917 zou blijken dat die revoluties tsaar Nicholas II definitief fataal zouden worden.




Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Flickr
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Dossiers

Gerelateerde artikelen
Slag bij Tsushima deel 1