Marine gaat simulatoren vervangen, Rheinmetall: "Kans om simulatoren onderling te koppelen"


Door: Jaime Karremann
Bericht geplaatst: 09-12-2020 | Laatst aangepast: 09-12-2020


De komst van nieuwe marineschepen kan geen lezer van deze site zijn ontgaan. Maar de vernieuwing van de fysieke vloot, gaat vaak gepaard met een minder zichtbare vernieuwing van de digitale kant van de vloot. Ook de Nederlandse marine heeft de komende jaren behoefte aan nieuwe trainers en simulatoren. Het Duitse bedrijf Rheinmetall is een van de aanbieders van simulatoren en Marineschepen.nl sprak met Rheinmetall over hun plannen.

Dit is een gesponsord artikel. Meer info onder aan deze pagina.

Rheinmetall
Beeld uit een simulatie van Rheinmetall. (Beeld: Rheinmetall)

De Koninklijke Marine werkt al vele decennia met trainers en simulatoren op de wal. In 1975 kreeg het Koninklijk Instituut voor de Marine (KIM) een manoeuvreersimulator waar adelborsten de basis van het manoeuvreren en navigeren leerden. In 1977 werd de eerste Nederlandse Action Speed Tactical Trainer (ASTT) geïntroduceerd om cursisten te trainen in tactische en procedurele scenario's. Daar bleef het niet bij (laten we hier voor de liefhebbers de RBOT niet vergeten te noemen). De marine kent nu talloze simulatoren, van trainer voor de technische centrale van het LCF tot de nieuwe ship handlingsimulator op het KIM. Een aantal van deze trainers, zoals de recent geïntroduceerde Piet de Jong Trainer voor de gemoderniseerde commandocentrales van onderzeeboten, is door de marine zelf gebouwd.



De marine kijkt echter uit naar de komst van nieuwe simulatoren. Deels vanwege de aanschaf van nieuwe schepen zoals de vervangers van de M-fregatten en de nieuwe onderzeeboten, en deels vanwege de leeftijd van sommige systemen; de ASTT die stamt van begin deze eeuw moet vervangen worden.

Guardion Submarine Trainer
De Piet de Jong - Guardion Submarine Trainer die in 2018 werd geïntroduceerd. (Foto: Defensie)

Onzichtbaar
De trainers van de marine worden gebruikt om nieuwe marinemannen en -vrouwen de basics te leren van bijvoorbeeld het werk in de commandocentrale, maar ze worden ook gebruikt voor het opleiden van ervaren marinepersoneel, of zelfs ter voorbereiding van een eenheid voor zij aan een missie gaan beginnen.
Ondanks dat vele duizenden marinemannen en -vrouwen de nodige trainingsuren hebben gemaakt in simulatoren, lees of zie je zelden iets over deze simulatoren in het publieke domen. En hetzelfde geldt voor de bedrijven achter deze apparatuur.

Rheinmetall is een van die bedrijven, een bedrijf dat de meesten vooral associëren met hun kanonsystemen voor marineschepen en voertuigen. Toch maken vele marines gebruik van hun simulatiesystemen. "We bouwen al zo'n veertig jaar simulatoren", zegt Florian Zimmer, oud-zeeofficier bij de Duitse Mijnendienst, nu werkzaam bij Rheinmetall. "Niet alleen voor marines, maar ook voor civiele toepassingen. Brugsimulatoren voor tankers, kraansimulatoren voor in de haven en op schepen, onderzeebootsimulatoren, simulatoren voor mijnenjagers, simulatoren voor bevoorrading op zee. Deze simulatoren staan over de hele wereld."



Software van anderen nabootsen
"Natuurlijk hebben we veel klanten onder NAVO-marines. We hebben onlangs een ASTT opgeleverd aan de Portugese marine. En we hebben de Duitse onderzeebootschool voorzien van simulatoren. We werken namelijk met veel bedrijven samen, Thales, Saab, L3, Raytheon."

En dat kan ook haast niet anders, want Rheinmetall bouwt zelf geen combat management systeem, geen brugsoftware en maakt geen platformmanagement systeem voor in technische centrales. Dat klinkt op het eerste gezicht vreemd. Want stel dat je in je commandocentrale software hebt van bedrijf X dan ligt het voor de hand om extra consoles te bestellen bij bedrijf X voor op school, zodat je je personeel kan opleiden met producten van hetzelfde bedrijf.
Zimmer ziet dat anders: "Het maken van simulatiesystemen is een vak apart; een combat management systeem moet bijvoorbeeld weergeven wat de sensoren detecteren, een simulator heeft alle doel- en omgevingsdata al maar moet op de juiste momenten bepaalde data tonen. Daarnaast moet een simulator vooruit en achteruit in tijd kunnen, acties kunnen opnemen en opnieuw kunnen afspelen, plus op een bepaald punt opnieuw kunnen starten."

"Belangrijker is dat het vaak niet eens gaat om de techniek. Want een marine heeft niet altijd als doel om een situatie op een schip exact na te bootsen. Dat hangt helemaal af van het doel van de training. Als dat wel de bedoeling is, kunnen we dat ook. We kunnen werken met de originele hard- en software van de OEM (Original Equipment Manufacturer , JK), maar ook onze eigen software gebruiken en die de look en feel geven van de apparatuur op het schip. Wij zijn onafhankelijk en kunnen dus met alle leveranciers werken. We kunnen daardoor op maat gemaakte oplossingen voor systemen of procedure trainingen aanbieden én advies geven."



Netwerk van simulatoren
De marine mag dan een keur aan simulatoren hebben, het zijn allemaal systemen die los van elkaar staan. Dat is het best te zien aan de twee trainers die de centrale van de Walrusklasse nabootsen om cursisten op te leiden op het technische vlak en het vechten met de onderzeeboot. Op een onderzeeboot vormen zij de bak- en stuurboordzijde van de centrale, maar op de wal zijn het twee totaal verschillende trainers die honderden meters van elkaar vandaan staan.

Dankzij technologische ontwikkelingen, maar vooral dankzij nieuwe inzichten, is er steeds meer interesse bij marines (en ook bij de Nederlandse) om simulatoren aan elkaar te knopen en gezamenlijk trainen mogelijk te maken. Als je een brugsimulator koppelt aan een simulator van een commandocentrale en een technische centrale-simulator, kan je niet alleen het team voor een specifieke centrale opleiden, maar ook als onderdeel van een heel schip trainen. Zeker als je daar nog een RHIB-simulator en vliegsimulator aan gaat toevoegen.

Voor MKS 180 fregatten wil de Duitse marine precies zo een 'Total Ship Trainer'.

Gek idee? Niet vanuit de gedachte dat je dan schepen minder hoeft in te zetten om te trainen. "Sommige zaken moet je op zee ervaren en moet je op zee oefenen", zegt Zimmer. "Maar heel veel uren op zee kan je besparen door in een simulator te trainen. In de tijd dat ik op een mijnenjager voer, waren we vaak onderweg naar een oefengebied. Die transit-tijd wordt minder belangrijk als je de oefeningen die je niet op zee hoeft te doen, op de wal kan doen. Maar dan wel als één bemanning. En dus in simulatoren die ook fysiek dicht bij elkaar staan, zodat je bijvoorbeeld als TD'er naar de brug en de centrale kan lopen."

Liggen de schepen dan in de haven, terwijl de bemanningen digitale zeehelden worden? Nee, het concept van de Total Ship Trainer is namelijk nauw verbonden aan het 'multi-crew concept' waar de marine al steeds meer mee werkt. Elk schip heeft meerdere bemanningen, de bemanning die niet aan boord is kan op hoog niveau trainen, de bemanning die wel aan boord is kan het schip efficiënter inzetten: die dingen doen die alleen op zee kunnen. Op deze manier verhoog je de operationele inzetbaarheid van personeel én van het schip, en de beschikbaarheid voor missies.

Brugsimulator Rheinmetall
Brugsimulator van Rheinmetall met in het midden de brug met rondom beeld, rechts de keuken waar de instructeurs de training aansturen, onder in beeld de briefingruimte om vooraf en achteraf de oefening te bespreken. (Beeld: Rheinmetall)

Niet eenvoudig
Total Ship Training is iets waar Rheinmetall heilig in gelooft, ook al is er wereldwijd nog geen Total Ship Trainer operationeel. "We hebben al wel ervaring met een Total Sub Trainer", zegt Zimmer. "Dus we weten dat het werkt. We hebben recentelijk een trainingscentrum opgeleverd waar we een platformsimulator hebben [de technische kant van de centrale, JK] en een operationele simulator [sonars, masten, het vechten met de boot, JK]. Daar hebben we een virtuele onderzeeboot aan toegevoegd; een omgeving met echte interactie. Deze simulatoren zijn allemaal aan elkaar gekoppeld."

Total Ship Trainer Rheinmetall
Door gebruik te maken van een Total Ship Trainer is het de bedoeling dat het aandeel van trainingen aan boord (rood) verkleint en het deel op de wal vergroot. De basistrainingen zijn al op de wal, het concept van Total Ship Training richt zich vooral op de trainingen waarbij een team of meerdere eenheden moeten samenwerken. (Beeld: Rheinmetall)

Toch blijft het niet eenvoudig om een Total Ship Simulator als een soort system-of-systems te ontwikkelen. In de eerste plaats moeten de simulatoren wel te koppelen zijn. "Dat is nog een reden waarom we het niet logisch vinden om bij verschillende producenten, ook simulatoren te bestellen", zegt Zimmer. "Die zijn niet opgezet om later te kunnen koppelen, en ontbreken daardoor vaak interfaces. Dit leidt ook vaak tot onvoorziene en extra kosten, naast de benodigde tijd om deze alsnog aan te passen."

Een andere uitdaging is dat de simulatoren onderling wel de juiste en betrouwbare data op hetzelfde moment moeten tonen. Zimmer: "Als je een brug en de centrale hebt gekoppeld, moeten ze in hetzelfde scenario gesynchroniseerd kunnen werken. Als er een optische sensor wordt gesimuleerd in de commandocentrale, dan moet het beeld van een schip en de omgeving op het scherm exact overeenkomen met het beeld dat men op de brug door het 'raam' ziet. En in AIS, en op ESM en op de radar."

Volgens Zimmer is ook nu de techniek ondergeschikt. "Er is met technologie zoveel mogelijk, zoals bijvoorbeeld met VR en AR. Echter voor het trainingssucces is de geselecteerde technologie minder doorslaggevend dan initieel gedacht. Het belangrijkste is dat je een bemanning als een team of als onderdeel van een gehele bemanning kunt laten trainen. De opzet van het systeem en de filosofie er achter, dat is waar het om gaat."

F124
Simulator voor de commandocentrale van de Duitse F124-fregatten. (Foto: Rheinmetall)

Netwerk van netwerken
Is de Total Ship Trainer het voorlopige eindpunt aan de horizon? Voor NAVO-marines en bedrijven als Rheinmetall niet. De volgende stap is het onderling verbinden van losse simulatoren of Total Ship Trainers met soortgelijke systemen in het buitenland. "Dat is nu een trending topic binnen de NAVO en ook voor de Nederlandse en Duitse marines", zegt Zimmer.

"Een groep internationale gesimuleerde onderzeebootbestrijdingsfregatten kan dan trainen met digitale onderzeeboten en virtuele onderzeebootbestrijdingshelikopters." Een digitale NAVO-vloot dus, zonder dat een NAVO-schip de haven hoeft te verlaten met als doel een beter getrainde bemanning en staven, en daarnaast een doelmatiger gebruik van de schepen. Gelukkig niet ter vervanging van de inzet op zee. Want om veiligheid op en vanuit zee te kunnen garanderen, en om buitenlandse havens aan te doen, zullen schepen er nog altijd op uit moeten.

Dit is een gesponsord artikel. Bij een gesponsord artikel kiest een opdrachtgever het onderwerp van het artikel. Rheinmetall heeft Marineschepen.nl betaald om dit artikel te schrijven over dit onderwerp, maar Rheinmetall had geen invloed op de journalistieke inhoud.



comments powered by Disqus




Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Adverteren
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Flickr
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Dossiers

Gerelateerde artikelen