Zr.Ms. Amsterdam, nog even (Deel II)



Door: Jaime Karremann
Laatst aangepast: 12-09-2014


Nog een paar maanden en Zr.Ms. Amsterdam is niet meer in Nederlandse dienst. Half december zet het schip als BAP Tacna koers naar Peru. Maar voor het zover is, wordt hard gewerkt om de 2.000ste bevoorrading op zee aan te tikken. Bij twee daarvan was Marineschepen.nl present en wel in de Middellandse Zee.

Eén van de rhibs en de Amsterdam
Zr.Ms. Amsterdam op de achtergrond in de Middellandse Zee, vanaf één van de rhibs. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

In deel I de reis van Kreta naar Malta.
In deel III over de cultuurclash met Peru.

Fotopagina Zr.Ms. Amsterdam.

Eerder deze week zijn we vertrokken van Kreta en na Malta gepasseerd te hebben, staat de rendez-vous met De Zeven Provinciën op het programma De Zeven is na vier maanden van huis op weg naar Rotterdam voor de Wereldhavendagen.



Alledaags?
Voor marineschepen is een Bevoorrading Op Zee (BOZ) (of: Replenishment At Sea, RAS) gebruikelijk, maar toch merk ik dat men op de Amsterdam uitkijkt naar de ontmoeting met het schip dat terugkeert van piraterijbestrijding. Ongetwijfeld zal men zich ook op De Zeven verheugen op het klein stukje Nederland, terwijl ze nog duizenden zeemijlen van huis zijn; die 19 jaar oude tanker is toch vertrouwd. Daarnaast zijn de bemanningen ook collega's, of oude bekenden, en er zijn zelfs familieleden die elkaar straks tot op tientallen meters gaan naderen.

Overigens heb ik ook meerdere bemanningsleden van de Amsterdam gesproken die echt iedere BOZ prachtig vinden, ongeacht het verhaal achter de bevoorrading. En ik kan me daar wel in vinden.

Martin Toet
Adjudant TDW Martin Toet heeft een jaar of twaalf op Hr.Ms. Zuiderkruis en Zr.Ms. Amsterdam gevaren. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Tankers en boxen
Het idee achter een BOZ is eenvoudig: marineschepen en hun bemanningen kunnen voor o.a. brandstof en voeding in een haven terecht, maar als ze op zee worden bevoorraad kunnen ze vele malen langer in het operatiegebied blijven.

Een bekend beeld is een bevoorradingsschip met fregatten mee op reis, zodat onderweg de fregatten steeds voorzien worden van de benodigde producten.

Dat is niet de enige optie, zo begrijp ik van adjudant Technische Dienst Werktuigtechniek Martin Toet. De Chef der Equipage van de Amsterdam voer in de jaren '80 op Hr.Ms. Wolf en drie Van Speijkklasse fregatten, alvorens hij in 1993 voor het eerst geplaatst werd op een tanker, Hr.Ms. Zuiderkruis. In 1999 debuteerde hij op de Amsterdam en barst dus van de tankerkennis.

"Een mooi voorbeeld," legt Toet uit: "is de Zuiderkruis tijdens de NAVO operatie Sharp Guard in 1996. Toen lagen vanwege de Joegoslavië oorlog marineschepen in boxen [een afgesproken patrouillegebied, JK] voor de kust. We voeren vanaf Kreta naar een box en er kwam een oorlogsschip langszij als zijnde gunship. Dat schip ging tussen ons en de kust varen en een ander marineschip kwam aan de andere kant. Die werd vol gegooid, ging er vanaf, werd gunship en het gunship ging olieladen. Daarna werden we uit de box begeleid naar de volgende, waar we weer werden opgepakt. Dat ging constant zo door. We waren maar 30 dagen in het operatiegebied, daartussen moesten we steeds naar Kreta of Italië om opgetopt te worden. In die 30 dagen hebben we 157 RASsen gedaan en meer dan 30 miljoen liter brandstof afgegeven. Dát is de taak van een tanker."

Niet alleen de Zuiderkruis werd zo ingezet, ook de Amsterdam. Bijvoorbeeld toen na 11 september 2001 marineschepen het scheepvaartverkeer in en uit het Suezkanaal controleerden. Zr.Ms. Amsterdam voer de boxen af om marineschepen te bevoorraden. En in 2005 was het in de Golf van Aden waar het elke dag wel één of twee RASsen uitvoerde.

Amsterdam-Cafetaria
Het Cafetaria. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Middagmaaltijd
Voor de bevoorrading op zee met De Zeven Provinciën is geen sprake van een box, maar wel van tijdsdruk. De Zeven moet snel doorvaren om op tijd in Rotterdam te zijn en de BOZ heeft precies plaats tijdens de middagmaaltijd. Niet dat iemand zich daar mee bezig lijkt te houden. Behalve ik dan.

De Amsterdam is nog een schip van de klassieke verdeling van eetverblijven. Op bijvoorbeeld OPV's en op de Karel Doorman eet iedereen in één bedrijfsrestaurant, waar de aankleding doorgaans net zo sfeervol is als de naam. Op de A836 eet men nog in het Cafetaria, het Gouden Bal of in de Longroom, afhankelijk van de rang.

In de Longroom is het, net als in het Gouden Bal, sinds de komst van de Peruaanse opstappers vrij vol. Daarom wordt voor de warme middagmaaltijd strikte tafeltijden gehanteerd. Ik ben ingedeeld in de tafel van 11:15 uur en misschien klinkt dat wat vroeg voor biefstuk met friet, maar ik moet zeggen, een driegangen maaltijd in de ochtend smaakt me uitstekend.

Amsterdam-Longroom
De Longroom. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

De middagmaaltijd van 11:15 wordt bovendien vanaf de brug over de scheepsomroep omlijst met het dagelijkse middagpraatje. Eén van de wachtsofficieren praat dan het hele schip bij over het programma, aanstaande bezienswaardigheden, doet diverse huishoudelijke mededelingen en presenteert het weerbericht.

Eerder was mij via het middagpraatje ter ore gekomen dat ons na de BOZ golven van 3 meter te wachten zouden staan. Nu heb ik in het algemeen niets tegen golven, maar ik vond de wilde kermisattractie op De Zeven Provinciën in februari net iets teveel om fatsoenlijk te kunnen functioneren als reporter. Adjudant Toet wist me er echter van te overtuigen dat de Amsterdam nauwelijks last heeft van zeegang: "Je elektrische tandenborstel blijft bij een zeetje gewoon staan". Nu zal hij het wel weten met al die jaren ervaring op de Amsterdam. Aan de andere kant oogt Toet zelf erg robuust en is hij opgegroeid op de Roofdiertjes, waarvan men toen dacht dat het fregatten waren, maar die nu zelfs voor de rivierpolitie aan de kleine kant zouden zijn.

Amsterdam-portaalmasten
De portaalmasten van de Amsterdam, gezien vanaf het dak van de hangar. Hier zijn duidelijk vele staalkabels en de olielaadslangen te zien. Ook is tussen de twee portaalmasten, het "kasteel" duidelijk te herkennen: de opbouw met vier glazen torentjes. Vanuit één zo'n cabine, de bok, wordt het tuig bediend. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Miljoenen kilo's staal, miljoenen liters zeewater en de mens
De aankomende sea state laat ik nog even voor wat hij is. Eerst de BOZ. Het idee van tanken op zee is eenvoudig, de uitvoering iets anders. Miljoenen kilo's zware schepen moeten zo dicht bij elkaar komen dat een tankslang via een staalkabel met 7.000 kilo trekkracht van de ene naar de andere kant kan om 680.000 liter diesel per uur over te pompen.

Extra moeilijkheid is dat de schepen varen en door de werking van het water naar elkaar toe worden gezogen. Ook moeten zij samen bochten kunnen maken. Ondertussen staan mensen aan dek met kabels, slangen, hekken en touwen te werken. Om het griezelverhaal tot een hoogtepunt te brengen, een greep uit de mogelijke gevaren: rondzwiepende staalkabels, elkaar rammende schepen, rondspuitende diesel, etc.

Dit lastige klusje vraagt om specifiek materieel en specialisten. Het belangrijkste op materieelgebied zijn de twee gigantische masten in de vorm van een portaal; de portaalmasten. Je kunt natuurlijk de staalkabel tussen twee schepen met een knappe knoop vastmaken, maar na één golf, windvlaag of stuurbeweging knapt de kabel of scheur je een stuk van het schip los. Geen goed idee.

Dus is er een complexe installatie van staalkabels en computers die de draden tussen de schepen op spanning houdt en als het nodig is draad inhaalt of juist laat vieren.

Amsterdam-BOZ-bok-Zeven2
Matroos ODND Wilco Huijsmans (links) is normaal gesproken één van de bokkenisten op de Amsterdam. Nu leidt hij Teniente Primero (LTZ2OC) José Calderon van de Peruaanse marine op, die het BOZ-tuig naar Zr.Ms. De Zeven Provinciën stuurt. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Ah! Automatisch en computers. Dus in de glazen cabines (de bok) naast iedere mast zal vast een "auto"knop zijn en een goed boek liggen zodat de bokkenist zich niet hoeft te vervelen. Niet helemaal, zo blijkt. Want het systeem is complex en in eerste instantie worden de schepen op de hand gekoppeld, later neemt de automaat het over. Dan nog zijn er steeds mensen nodig die alles scherp in de gaten moeten houden.

Adjudant Toet: "En dat is heel specifiek werk. Tijdens een BOZ moet o.a. een sergeant hydrauliek op dek staan en een matroos op de bok als bokkenist om de BOZ installatie te bedienen. Niet iedere sergeant van de Technische Dienst of iedere matroos van de Nautische Dienst kun je daar neerzetten. Als je hydrauliek moet doen, kan je een cursus krijgen van de fabrikant. Maar behalve op marinetankers komen deze systemen nergens anders voor. Nergens op technische scholen staat zo'n installatie… Hetzelfde geldt voor de matroos; die moet je echt heel specifiek bij de marine opleiden."

Amsterdam-BOZ-Wave-Knight2
Beelden van een latere BOZ met RFA Wave Knight. Hier is de slang goed te zien. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Lierentuin
Benedendeks staan in twee grote ruimtes de staalkabels om lieren gewikkeld, die extra staalkabel kunnen geven of inhalen. Eén van de korporaals van de Technische Dienst neemt me mee voor een rondleiding.
Liefkozend wordt deze ruimte vol kleine en grote lieren, in een reeks van vrolijke kleurtjes, de "lierentuin" genoemd. De naam mag dan poezelig klinken, deze ruimte is dat niet. Een woud van bruut staal staat stijf gespannen op de lieren en gaat onder stalen platen onder m'n voeten door naar de andere kant van de ruimte. Er staan ook verfijnde systemen met hydrauliekpompen die de lieren aandrijven, meters en bedieningspanelen, maar de dikke staalkabels bezorgen me de rillingen. Nu is het staal in rust, maar tijdens een BOZ op een woelige zee moet het hier een gedraai en gewerk zijn van jewelste.

Deze ruimte mag dan gevaarlijk zijn, hij is ook essentieel voor een veilige en succesvolle BOZ. Daarom lopen technici tijdens een BOZ eens in de zoveel tijd een controlerondje: draaien de staalkabels netjes op de lieren? Hoewel zij een veilige looproute hanteren in de lierentuin moet ik er niet aan denken dat het mis gaat als iemand net met z'n rondje bezig is.

Toch is dat gebeurd. Adjudant Martin Toet: "Een BOZ, jaren geleden. Ik was korporaal. We waren gekoppeld aan het andere schip met, zoals altijd, de dikste staalkabel, de jackstay. Aan de jackstay zit een zwakke schakel, de weaklink, deze is ingezaagd zodat hij bij een bepaalde kracht breekt en niet iets van een schip lostrekt.
Die dag deed ik in de lierentuin de controleronde. Precies op het moment dat ik daar liep brak de weaklink en het hele zwikkie kwam terug van het andere schip. Dan weet je niet wat er gebeurt. Dan vergaat de wereld, slaan de staalkabels om je oren. Alles begint te halen en te doen. Het systeem stond op automatisch en op de kabels stond een trekkracht van een ton. Op het moment dat de weaklink brak wilde het systeem die ton trekkracht gaan zoeken en ging als een gek alles binnenhalen. Dan moet je er niet bij staan…" Toet had zich aan de veiligheidsvoorschriften gehouden en stond veilig, maar was wel enorm geschrokken: "Tijdens die BOZ daarna zei ik tegen de majoor: 'neem jij deze maar, ik pak hem morgen wel weer'."

De ervaren tankermannen Martin Toet en Meindert Reus hebben al die jaren wel spannende momenten meegemaakt, maar nooit dat iemand gewond raakte of er ernstige materiële schade was.

Matrozen aan het klaverjassen op dek
Matrozen van de Nautische Dienst tijdens een vrije avond aan het klaverjassen aan dek, links de twee bokkenisten Wilco Huijsmans en Berry Meeuwsen. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Thuis
Het mooie aan een marineschip is dat het niet alleen een werkomgeving, maar ook een leefomgeving is. Tijdens mijn tijd aan boord wandel ik zoveel mogelijk door het schip en steeds kom ik die mix tegen.

Ik sluit de deur van de lierentuin en met mijn camera om mijn schouder loop ik naar buiten, naar het waaigat waar gerookt en gekletst wordt of alleen naar de eindeloze zee wordt gekeken. Dan terug langs het Gouden Bal, waar een groepje onderofficieren een film kijkt. Door de gang naar het Cafetaria en dan twijfel ik weer over welk trappenhuis ik moet nemen (3 of 7?). Ik beland in de Technische Centrale terwijl een groep Peruanen met behulp van de tolk uitleg krijgt over allerlei systemen. Weer naar boven en via de whalegang naar de voorflat voor een kijkje op de brug. De zon gaat onder en op de brug is men in de ban van het verhaal over een groene flits die te zien zou zijn vlak voor de zon achter de horizon verdwijnt.



Volg Marineschepen.nl ook op Facebook



Onderweg kom ik steeds mensen tegen en voer ik leuke en interessante gesprekken. De één vertelt over zijn avonturen op de Poolster, met een ander praat ik over haar situatie thuis en weer iemand anders geeft me tips over de BOZ van morgen. Zo'n ontdekkingstocht kan uren duren en uiteindelijk sta ik weer voor m'n hut. De rode nachtverlichting in de gang brandt. In de hut naast die van mij probeert mijn buurman tijdens het tandenpoetsen een collega wat te vertellen over de NH-90 helikopter die morgen komt . Terwijl ik met één voet in m'n hut nog met een wachtsofficier sta te praten, komt uit de verte iemand aansloffen op weg naar het toilet in de gang. Blijkbaar had ze op dit tijdstip niemand meer verwacht, want eenmaal dichterbij moet ze lachen en verontschuldigt ze zich voor haar outfit: sierlijke sloffen, een ontspannen bloemetjespyamabroek en een grote warme trui. "Hé," zegt de wachtsofficier, "maakt toch niks uit? Jij bent ook gewoon thuis."

Amsterdam-kombuis
Net als thuis is lekker eten erg belangrijk. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Bijzondere BOZ
Een bevoorrading op zee is moeilijk en soms gevaarlijk, maar kan ook voor veel trots en mooie momenten zorgen. Eén BOZ ligt bij iedereen vers in het geheugen en dat was die van vorige week met Zr.Ms. Van Speijk.

De avond was al gevallen toen de drie schepen, de Amsterdam, Van Speijk en de (Belgische) Leopold I oostwaarts door de Middellandse Zee stoomden. Plotseling kwam er een bericht vanuit Den Helder: een opdracht voor de Van Speijk en het schip moest daardoor uit het verband, na een bevoorrading op zee met de Amsterdam die per direct moest plaatsvinden.

De commandant van de Amsterdam, KLTZ Henk Suurveld besloot meteen zijn 'keyplayers' bij elkaar te vragen. Hoofd Logistieke Dienst LTZ1 Jeroen Melkert: "Het was kwart voor tien en ik was in m'n hut. Plotseling kwam de commandant langs: 'over 5 minuten in de Kajuit.' Daar nam KTZ Boudewijn Boots van de staf het woord en vertelde ons over de Van Speijk."

"Wat ik toen dacht?" Een grote glimlach verschijnt op het gezicht van Jeroen Melkert: "Ja gaaf! Ja, dat dacht iedereen. Dat is gewoon gaaf. Er werden gelijk plannen gemaakt, want er moest van alles overgezet worden. Natuurlijk moest er getankt worden, maar we hadden ook munitie en vriesproducten liggen van de Van Speijk. Hun vriezer was bij vertrek helemaal vol en de rest hadden wij voor ze aan boord."

Na de korte meeting pakte de commandant de microfoon van de scheepsomroep: "Attentie, hier de commandant…" en lichtte de bemanning van de Amsterdam in. Suurveld: "Je voelde een vibe… het gaf een staande golf door het schip heen van: 'yes!'"



Dat gevoel hadden de bottelier en chef bottelier ook. Aan boord van de Amsterdam zorgen zij samen met hun matrozen voor bestelling, opslag en uitgifte van vooral eten, drinken en verzorgingsproducten.
Chef bottelier sergeant Arnd van Dijk : "Om een uur of 10 's avonds sprak ineens de commandant over de scheepsomroep. En je weet: als de ouwe op dat tijdstip gaat praaien, is het raak. We hadden hele vriesruimten vol staan met eten voor de Van Speijk. In no time was het hele schip in actie. Dat was zo mooi om te zien. Het was al de zoveelste bevoorrading, maar nu was het onverwacht en iets bijzonders. Prachtig!"

Voor de botteliers was het een uitdaging om in zo'n korte tijd de grote hoeveelheid vriesproducten gereed te zetten voor de bevoorrading. Maar liefst 50 bemanningsleden hielpen mee om alles aan dek te krijgen.

De chef bottelier glundert: "Iedereen voelde dat het iets speciaals was en wilde meehelpen, maar door dat enthousiasme liepen sommigen als een kip zonder kop door het schip. Ik moest mensen echt even afremmen. Uiteindelijk was het diep in de nacht toen de zware lasten over waren."



Dat gold niet voor de olie. Niet alles verliep vlekkeloos die nacht door enkele technische tegenslagen. Desondanks bleef de sfeer goed. LTZ1 Jeroen Melkert: "Ik heb continu rondgelopen. In principe was mijn aanwezigheid niet zo van belang. Maar ik wilde bij iedereen blijven. Er liepen ook meer mensen rond die eigenlijk geen taak hebben bij BOZ. Maar om er bij te zijn. Dit soort dingen schept een enorme saamhorigheid. Zelfs toen het mis ging met het BOZ-tuig en alles veel langer ging duren. Ik heb geen gezucht of gesteun gehoord, op welk tijdstip ook: 's nachts om 2, 4 of 6 uur. Niemand die er wat van zei. Dat zijn mooie momenten, ook de jongens die aan dek stonden; de humor bleef er in."

Om acht uur 's ochtends werd de BOZ afgerond en nam de Van Speijk afscheid van het verband. 9 uur (ivm uur tijdverschil) had de RAS geduurd, de bemanning kon eindelijk naar bed.

Maar lang duurde dat niet.

KLTZ Suurveld: "Een paar uur later, het was geloof ik kwart voor twaalf 's ochtends, werd ik wakker gemaakt door de Eerste Officier. Er was een volgend bericht binnen. Nu was het Canadese fregat HMCS Toronto bezig met wat scheepjes. En de Toronto had olie nodig. Ben je na vier uur uitgerust? Twijfelachtig. Maar toen kon ik via de scheepsomroep bekend maken dat we daar naartoe zouden gaan. En ook toen weer was het: 'mooi!' Dat gevoel van trots… we doen het gewoon nog een keer."

HMCS Toronto werd daarop zonder problemen door de Amsterdam voorzien van duizenden liters diesel.

BOZ Amsterdam en De Zeven Provinciën
De (zeer waarschijnlijk) laatste bevoorrading op zee tussen Zr.Ms. Amsterdam en Zr.Ms. De Zeven Provinciën had plaats in de Middellandse Zee. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

De Zeven Provinciën
Terug naar de BOZ van vandaag. Rond een uur of 10 in de ochtend verschijnt een bekend silhouet aan de horizon: Zr.Ms. De Zeven Provinciën. Langzaam komt het schip dichterbij. In de midscheeps van de Amsterdam zijn de ingedeelden voor BOZ al even druk. In reddingsvesten gestoken en met helmen met verschillende kleuren op wordt hard gewerkt met lijnen, touwen en de BOZ-installatie. Ook op de brug is het een stuk drukker want een BOZ vraagt om extra communicatie-, navigatiespecialisten en de commandant.

De Zeven kiest positie schuin achter de Amsterdam. Als alles gereed is, hijst de bevoorrader vlag Romeo. "De Zeven Provinciën gaat aan de rit!" wordt naar het commando op de brugvleugel geroepen. Een flinke boeggolf is bij het aanstormende fregat te zien.

Door m'n telelens kijk ik vanaf de brugvleugel naar De Zeven Provinciën en zie daar veel bekende gezichten van mijn vorige reportage. Eenmaal langszij is het toch een bijzonder gevoel om een Nederlands fregat, dat uit de Golf van Aden komt, hier in de Middellandse Zee te zien. Op beide schepen wordt enthousiast gezwaaid. En ik doe mee. Prachtig.

Amsterdam-BOZ-Zeven
Alles gaat goed, maar mocht er iets mis gaan staan deze mannen klaar om storingen op te lossen. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Het werk gaat door. Lijnen worden overgeschoten en vastgeknoopt. De Peruaanse officier José Calderon stuurt als leerling bokkenist, bijgestaan door matroos Wilco Huijsmans, de slang naar de overkant. Tegelijkertijd is de NH-90 helikopter van het fregat opgestegen en na een rondje om de formatie op het helidek van de Amsterdam geland om goederen te laden.

Zo stomen de twee Nederlandse schepen gezamenlijk op. Diesel wordt overgepompt en de heli vliegt vier of vijf keer heen en weer.

Na dik een uur is de buik van het fregat gevuld en wordt het tuig weer teruggegeven. Maar de schepen varen niet zomaar weg. Op de Amsterdam wordt traditiegetrouw de vlag van de stad Amsterdam gehesen, ook volgt de blauwe vlag van de tuigploeg A836 met dubbele probe. Voor velen is het steeds weer een mooi moment. Opnieuw wordt uitbundig gezwaaid en De Zeven stuift ervandoor. Op weg naar Nederland.

Wij koersen verder. Naar de Straat van Messina. De Amsterdam is nog niet klaar hier.

Volgende week het derde en laatste deel.

Dag Zeven!
Afscheid van Zr.Ms. De Zeven Provinciën. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)




Marineschepen.nl
Contact
Over deze site
Adverteren
Blijf op de hoogte via:
Twitter
Facebook
Flickr
Copyright
Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Dossiers

Gerelateerde artikelen
Zr.Ms. Amsterdam
ADAM, nog even Deel I
ADAM, nog even Deel III