Vervanging van tien Nederlandse marineschepen ineens


Door: Jaime Karremann
Bericht geplaatst: 08-05-2020 | Laatst aangepast: 08-05-2020


Het ministerie van Defensie wil de tien afzonderlijke marineschepen vervangen in een project. Dat blijkt uit de A-brief 'Vervanging hulpvaartuigen CZSK', die gisteren naar de Tweede Kamer werd verstuurd. Het gaat dan om de vervanging van tien schepen: Zr.Ms. Mercuur, Snellius, Luymes, Pelikaan, Van Kinsbergen, duikopleidingsvaartuig Soemba en de vier duikvaartuigen van de Cerberusklasse.

Luymes
Zr.Ms. Luymes, een hydrografisch opnemingsvaartuig. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

De tien zijn schepen behorende tot zes verschillende scheepsklassen, gebouwd door verschillende werven en vanaf 1987 zijn deze schepen over een periode van 19 jaar in dienst gesteld. In de Defensienota 2018 en in het Defensie Materieel Projecten Overzicht uit september 2019, waren de vervangingen van de zes scheepsklassen nog afzonderlijk opgenomen. Defensie heeft echter besloten om de schepen toch in één keer te vervangen. Helemaal een verrassing is het niet, want in 2017 zei Commandant Zeestrijdkrachten vice-admiraal Rob Kramer te streven naar familievorming op gebied van ondersteuningsvaartuigen.



Een overzicht van de schepen:
- Torpedowerkschip Zr.Ms. Mercuur, in dienst 1987, einde levensduur: 2026
- Duikopleidingsvaartuig Soemba, 1989, 2026/2027
- Duikvaartuigen Cerberus, Argus, Nautilus, Hydra, 1992, 2026/2027
- Marineopleidingsvaartuig Van Kinsbergen, 1999, 2024
- Hydrografische opnemingsvaartuigen Zr.Ms. Snellius en Luymes, 2003, 2033/2034
- Caribisch ondersteuningsvaartuig Zr.Ms. Pelikaan, 2006, 2031



Commercial off the shelf
Hoewel de schepen verschillend zijn, hebben de schepen "vergelijkbare eigenschappen" zo stelt de staatssecretaris in de A-brief. "Om schaalvoordelen te kunnen benutten wordt de vervanging van deze vaartuigen daarom als één project beschouwd." Defensie wil daarom, zolang het mogelijk is en zin heeft, zoveel mogelijk dat de schepen overeenkomsten hebben in het ontwerp en systemen. "In het ontwerp betreft dit primair de bouwwijze van de romp, de inrichting van het schip en alle generieke systemen. Deze aanpak levert mogelijk schaalvoordelen op voor de af te sluiten verwervingscontracten, evenals exploitatievoordelen op het gebied van onder meer instandhouding, opleiding en Integrated Logistic Support." Met dit laatste wordt de logistieke ondersteuning van de schepen bedoeld, het gaat dan onder andere om onderhoud, documentatie, data van het schip en middelen daaromheen, planning van reserveonderdelen en training.

Het gaat dus niet om tien identieke schepen die met verschillende modules kunnen worden uitgerust, de schepen zelf zullen onderling ook verschillen. Ook staat het aantal nog niet vast, mogelijk dat met minder schepen dezelfde taken vervuld kunnen worden, zo staat in de A-brief.

Wel is zeker dat het schepen zullen worden met civiele standaarden en alleen militaire specificaties zullen gesteld worden waar noodzakelijk: Commercial off the Shelf, tenzij zoals in de brief staat.



Rechtstreekse gunning of Europese aanbesteding?
Het is nog niet duidelijk wie de schepen gaat bouwen, maar als het gaat om schepen met minimale militaire eisen zijn er ook in Nederland ongetwijfeld meer scheepswerven geïnteresseerd dan alleen Damen, en buiten Nederland al helemaal. Nu de A-fase met de A-brief is afgerond volgt de B-fase van het Defensie Materieel Proces (DMP). In deze fase zal, zo vermeldt de brief, de "verwervingsstrategie worden bepaald". Met andere woorden, in deze fase zal worden besloten of de schepen rechtstreeks worden gegund aan een werf, of er een aanbesteding met concurrentiestelling zal worden opgestart, of de keuze wordt gemaakt middels een Europese aanbesteding.

Marineschepen.nl heeft bij DMO nog navraag gedaan of er manieren van aanbesteden vooraf zijn uitgesloten, maar DMO bevestigt dat alle mogelijke vormen in de B-fase onderzocht worden.

Van Kinsbergen
De Van Kinsbergen is een van de opleidingsschepen van de marine. Hoewel het schip relatief jong is, wordt het als eerste vervangen. De Van Kinsbergen is, net als voorganger de Zeefakkel, een schip met niet al te beste vaareigenschappen. De Van Kinsbergen is daarom vaak te vinden in de rustigere Oostzee, zodat de jonge marinemannen en -vrouwen niet alleen maar zeeziek zijn. (Foto: Jaime Karremann/ Marineschepen.nl)

Eerste schip 2024
De B-fase zal eind 2021, begin 2022 worden afgerond. Dan wordt de B-brief verwacht. Defensie wil de schepen vervangen voor de levensduur verstrijkt. De A-brief vermeld ook het einde van de levensduur van de schepen. Het eerste nieuwe schip zal dan dus in 2024 in dienst moeten komen om het marineopleidingsvaartuig Van Kinsbergen te vervangen. De laatste vervanging zal uiterlijk tien jaar later moeten komen voor de Luymes.

Afhankelijk van de kosten en technische mogelijkheden moeten de nieuwe schepen "(gedeeltelijk) emissievrij" worden, om te voldoen aan de Defensie Energie en Omgevings Strategie (DEOS). Er zal bijvoorbeeld worden onderzocht of de schepen een elektrische voortstuwing kunnen krijgen.

De kosten van het project vallen in de bandbreedte van 250 miljoen tot 1 miljard euro.



22 nieuwe schepen
De A-brief is een belangrijke nieuwe stap om de boeggolf aan vervangingen, waar Marineschepen.nl in 2015 over schreef, weg te werken. In een relatief korte periode moet de meerderheid van de Nederlandse vloot worden vervangen, doordat vervanging lange tijd was uitgesteld. In een tijdsbestek van vier jaar (juni 2016 - mei 2020) zijn A-brieven verschenen voor de vervanging van maar liefst 22 Nederlandse schepen. Ook wordt al nagedacht over de vervanging van de LCF'en, Rotterdam en Johan de Witt. De hele vloot dus, behalve de OPV's en de Karel Doorman.



comments powered by Disqus


Marineschepen.nl

Contact

Over deze site

Privacy

Adverteren
Blijf op de hoogte via:

Twitter

Facebook

Instagram

Copyright

Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Nieuwsoverzicht

Gerelateerde artikelen

Defensienota 2018