Zr.Ms. Johan de Witt heeft afgelopen weekend zes Russische schepen geëscorteerd door een deel van de Belgische en Nederlandse Exclusieve Economische Zones (EEZ). De zes waren afkomstig uit de Middellandse Zee, waar zij Russisch materieel uit Syrië hadden geëvacueerd, en varen momenteel terug naar hun thuishavens.
De Alexander Otrakovsky op de terugweg vanuit Syrië. Het landingsschip van de Ropuchaklasse stamt uit 1978. (Foto: Britse marine)
Hoewel de activiteiten van de Russische schaduwvloot in Oostzee de laatste tijd duidelijker zijn geworden en de dreiging vanuit Rusland in algemene zin toeneemt, ging van dit eskader Russische schepen nauwelijks een reële dreiging uit. Ook voeren zij door internationale wateren. NAVO-marines willen echter duidelijk maken dat zij alert zijn, en in kunnen grijpen als er toch verdachte acitiviteiten worden uitgevoerd en dus werd het verband door meerdere marines gevolgd. Zo ook door de Nederlandse marine, die bovendien sinds enkele jaren de taak heeft om alle militaire niet-NAVO-schepen in de Nederlandse EEZ te volgen.
Het ging om onderstaande schepen:
Aleksandr Otrakovsky (landingsschip, Ropuchaklasse)
Ivan Gren (landingsschip, Ivan Grenklasse)
Yelnya (bevoorradingsschip, Altayklasse
General Skobelev (civiele tanker)
Sparta (civiel transportschip)
Sparta II (civiel transportschip)
Zr.Ms. Johan de Witt met op de achtergrond landingsschip Ivan Gren. Dit is een vrij nieuwe klasse landingsschepen, desondanks heeft Rusland in november bekendgemaakt dat deze schepen worden gemoderniseerd. (Foto: Defensie)
Voor deze klus was Zr.Ms. Johan de Witt aangewezen. Het amfibisch transportschip is ontworpen voor andere taken, maar kan als platform met radar en nieuwe Vigile-D-systeem voor elektronische oorlogvoering schepen volgen. Vooral de wat tragere Russen, aangezien de Johan de Witt een maximale snelheid van 19 knopen heeft. Russische fregatten en destroyers zijn doorgaans ontworpen voor maximaal 30 knopen.
Donderdagochtend vertrok het Nederlandse schip vanuit Den Helder om de zes in de Belgische EEZ op te vangen. De Russen werden op dat moment begeleid door de Britse bevoorrader RFA Tideforce (Tideklasse), nadat onder andere het Britse Type 23 fregat HMS Iron Duke de zes ook van dichtbij had gevolgd.
Evacuatievloot
Zoals eerder gemeld had de escorte voor zover bekend vooral een signaalfunctie en weinig militaire waarde, omdat een groot deel van de Russische schepen oud en/ of civiele schepen zijn. Daar komt bij dat de Russische schepen na een lange reis op weg naar huis zijn. Een groot deel van de zes verliet begin december hun Russische havens, nadat duidelijk was geworden dat het Assad-regime in Syrië in grote problemen was gekomen. Met dit regime waren immers afspraken gemaakt over het gebruik van de haven in Tartus, Syrië, door de Russische marine en een luchtmachtbasis verder landinwaarts. Mogelijk had Moskou al gemerkt dat die afspraken met de rebellen niet of niet goed te maken waren en besloot om een evacuatievloot op te tuigen.
In korte tijd werden meerdere schepen naar zee gestuurd, (civiele en marine-) schepen die eerder gebruikt werden om juist wapens en materieel naar Syrië te brengen. De 'Syrian express' met wapens voor Assad, moest nu dus de tegenovergestelde route met materieel gaan bevaren. Dat was lastiger dan gedacht, want eenmaal voor de Syrische kust, was Assad gevlucht en wilden de nieuwe leiders in Syrië de Russen de haven niet in laten.
Bovendien kampten de beide landingsschepen van de Russische marine met technische problemen. De Ivan Gren zou naar verluidt bij Portugal korte tijd zonder voortstuwing hebben gedobberd en de Otrakovsky had naar eigen zeggen voor de Syrische kust last van brandstoflekkages en problemen met de drinkwatermakers.
De tanker General Skobelev. (Foto: Britse marine)
De Sparta II. (Foto: Defensie)
De Russische schepen, waaronder enkele marineschepen zoals de Aleksandr Otrakovsky en Ivan Gren, maar ook de koopvaardijschepen als Sparta en Sparta II, moesten zo'n twee weken voor de kust wachten voor ze toestemming kregen om de haven in te varen. Na een kleine week laden vertrokken de schepen eind januari naar hun Russische havens en dus voeren zij door de Noordzee.
Hoewel de Russen dus waarschijnlijk blij waren om weer terug naar huis te kunnen, betekent dat niet dat ze het slechts om zoete koopvaarders gaat. Het was immers de General Skobelev, een civiele tanker, die na vertrek in december met ernstvuurwerk in de richting van een NH90-helikopter, afkomstig van een Duits fregat, had geschoten.
De Nederlandse EEZ. De marine heeft als taak om marineschepen die niet van NAVO-lidstaten zijn door dit zeegebied te begeleiden. (Kaart: Openstreetmap.org)
Duitse escorte in Nederlands deel
Zr.Ms. Johan de Witt voer dus door de Belgische en een deel van de Nederlandse EEZ mee met de Russen. Iets voor 16:00 uur ging het schip hoogte van Vlieland echter stuurboorduit en koerste het terug naar Den Helder. De Russische schepen voeren verder door naar het noorden.
Volgens een woordvoerder van de marine heeft de Duitse marine de Russen door de tweede helft van de Nederlandse EEZ begeleid. Welke eenheid die taak op zich heeft genomen, is niet bekend. Er was geen AIS-signaal zichtbaar van een Duits marineschip.
Volgens RTL Nieuws verlieten de Russische schepen om 04:00 uur vanochtend de Nederlandse EEZ.
Auteur: Jaime Karremann Jaime is oprichter van Marineschepen.nl en heeft meer dan 1.500 artikelen geschreven over uiteenlopende marine-onderwerpen. In 2017 gaf hij zijn non-fictieboek In het diepste geheim uit en later onderzeebootthriller Orka. Voor Jaime fulltime met deze site aan de slag ging, werkte hij ruim 12 jaar bij de marine, waarvan het grootste deel in een burgerfunctie. Jaime studeerde Communicatie in Groningen.