Marineschepen.nl
 
   
 

Zuid-Koreaanse ontwerpen doen mee in strijd om Deense fregatten

Door: Kasper Goossens
Bericht geplaatst: 30-04-2026 | Laatst aangepast: 30-04-2026


Het Zuid-Koreaanse Hyundai Heavy Industries (HHI) doet mee in de wedstrijd om nieuwe fregatten te mogen leveren aan de Deense marine. Dat verklaarde Jae Rak Kim, vicevoorzitter en directeur verkoop en marketing, aan de Deense publieke omroep DR. Hij geeft aan dat het voorstel van HHI 'an offer they can't refuse' is: goedkoper dan de concurrentie en sneller geleverd. Maar de concurrentie is fors: maar liefst zes andere partijen willen het contract binnenhalen.

HHI
Op de voorgrond de HDF-6000 van HHI. (Foto: HHI)

"We zijn 20-30 procent goedkoper dan onze Europese concurrenten. Denemarken kan dus vier schepen krijgen voor de prijs van drie. (...) Van zodra het contract is ondertekend, kunnen we het eerste schip in drie en half jaar tijd leveren.". Zo lanceerde de Zuid-Koreaan Jae Rak Kim in DR het charmeoffensief richting Kopenhagen.



In Denemarken dingt het mee naar het contract voor de levering van nieuwe fregatten. Die moeten de Iver Huitfeldtklasse fregatten opvolgen en mogelijk ook de Absalon-klasse. Initieel wilde de Deense marine de Iver Huitfeldt's upgraden, maar in een intern advies stelde generaal Michael Hyldgaard, commandant van de Deense strijdkrachten, voor om dat niet te doen. Zo zouden technische problemen met het schip niet snel opgelost raken en zou het upgraden van de apparatuur te duur uitvallen. Hij stelde voor om snel nieuwe fregatten te kopen. De Iver Huitfeldt's zouden wel nog in dienst blijven voor onder meer patrouilleopdrachten.

De Iver Huitfeldtklasse vaart met de oude SMART-L en de APAR van Thales in Hengelo. Met deze schepen is Denemarken naast Duitsland en Nederland een van de drie landen die met deze configuratie vaart. Lang werd door de Nederlandse marine en industrie gehoopt dat Denemarken en Duitsland Nederland zouden volgen richting de verdediging tegen ballistische raketten met de nieuwe SMART-L MM/N. Zowel Denemarken als Duitsland besloot de fregatten echter niet te moderniseren met de nieuwste radars van SMART-L. Duitsland koos voor een nieuwe radar van Hensoldt en Denemarken wil de schepen helemaal niet meer inzetten voor lucht- en raketverdediging.

Ook in de nieuwe ontwerpen die meedingen in de strijd, is vooralsnog geen rol voor de SMART-L MM/N.

Zuid-Koreaanse ontwerpen
Het Zuid-Koreaanse bedrijf stelt twee ontwerpen voor als kandidaat-platformen voor de Deense fregatten: het gloednieuwe HDF-6000-ontwerp, gebaseerd op de romp van de Chungmugong Yi Sun-sinklasse destroyers van de Zuid-Koreaanse marine, en de iets kleinere HDF-4000. Beide modellen kunnen aangepast worden naargelang de wensen van Denemarken. Met een waterverplaatsing van 6.000 ton en 139 meter lengte vormt het HDF-6000 alleszins een vergelijkbaar platform dan waarover verschillende Europese landen beschikken.

Volgens Naval News heeft het standaardontwerp van HDF-6000 een verticale lanceerinrichting met 48 cellen en een C/X-band multifunctieradar (zelfde functie als APAR, alleen is dat een X-bandradar). Dit fregat is daarmee ook in staat om aan lucht- en raketverdediging te doen. HHI benadrukt dat de sensoren en wapensystemen niet vaststaan, maar aangepast kunnen worden aan de wensen van de klant. HHI ondertekende vorig jaar bovendien een memorandum of understanding met Thales en Leonardo.



Snelle productie
HHI-vicevoorzitter Jae Rak Kim gelooft dat geen van de concurrenten Denemarken een bod kan doen dat beter is dan dat van zijn bedrijf. Hij schermt dus met de prijs van de schepen, die lager ligt dan die van de concurrentie, maar vooral de levertermijn: het eerste schip binnen drie en half jaar na contractondertekening, vier schepen binnen vier jaar. Als het contract vandaag wordt getekend, heeft Denemarken de schepen in 2031. Volgens het leveringsschema van de Europese scheepsbouwers zou het land dan pas haar eerste Europees fregat krijgen.

De woorden van Jae Rak Kim zijn geen bluf: zo slaagt HHI (en ook concurrent en sectorgenoot Hanwha Ocean) er naar eigen zeggen al zes jaar in om elk schip op tijd te leveren. Verschillende schepen lagen zelfs vroeger in de haven van de klant dan contractueel voorzien.

De Zuid-Koreaanse scheepsbouwer benadrukt daarnaast de huidige relaties die het onderhoudt met Denemarken, specifiek met scheepsrederij Maersk. Zo leverde het bedrijf al 19 vrachtschepen aan de rederij.

Een nadeel voor Zuid-Korea is dan weer dat het zelf geen Europees bedrijf is, op een moment dat de roep om Europees te kopen in Europese landen steeds luider klinkt. "Uiteindelijk draait het over hoe dat wordt geïnterpreteerd, en of de benodigde politieke wil aanwezig is. Wij geloven dat de deur nog open staat", zegt Jae Rak Kim aan DR.

Naast de bouw door Europese bedrijven, willen landen ook vaak dat een deel van de productie in eigen land plaatsvindt. Ook hier ziet de Zuid-Koreaanse zakenman geen problemen: zo is het perfect mogelijk om Europese wapensystemen en sensoren op het ontwerp te plaatsen, maar zouden de schepen ook in Denemarken kunnen worden gebouwd. "We hebben al verschillende Deense scheepswerven bezocht en hebben een goed zicht op hun capaciteiten."

"Het eerste schip van de reeks kan, bijvoorbeeld, in Korea worden gebouwd. Intussen kunnen we de technologie naar de Deense industrie verschepen zodat volgende schepen in Denemarken kunnen worden gebouwd", zo zegt Jae Rak Kim. Hij voegt er wel aan toe dat dit de prijs terug kan opdrijven, met 30 tot 50 procent.

FDI Amiral Ronarc'h
De Amiral Ronarc'h na het verlaten van Lorient in 2024. (Foto: Naval Group)

Europese concurrenten
HHI zal echter af te rekenen hebben met vijf Europese concurrenten. Die landen voeren niet enkel op gebied van de industrie, maar ook vanuit de strijdkrachten en politiek, en offensief om het contract in de wacht te slepen. Frankrijk probeert zo de FDI-fregatten, een ontwerp van Naval Group, te verkopen. De reeks heeft al enig succes, met vijf Franse schepen en vier Griekse. De Amiral Ronarc'h, het eerste schip van de reeks, ging eind januari ten anker in Kopenhagen (als onderdeel van de reis naar de noordelijke Atlantische Oceaan), in wat weinig anders kan worden genoemd dan een charmeoffensief.

De tweede kandidaat is het Britse Babcock, dat het Type 31-fregat als voornaamste troef heeft. Dit fregat, waarvan de Britse marine vijf stuks koopt, is gebaseerd op het Arrowhead 140-ontwerp, op zijn beurt een doorontwikkeling van de Deense Iver Huitfeldt-fregatten. Daarnaast bestelden ook Indonesië en Polen deze schepen, respectievelijk vier en drie exemplaren. Daar zullen ze door het leven gaan als Balaputradewaklasse en Wicherklasse. In het VK wordt de kwestie besproken in het parlement, waar premier Keir Starmer meegaf 'op het hoogste niveau te werken aan een deal'.

De standaardversie van dit fregatontwerp heeft de NS100 van Thales Nederland als radar.

Type 31
Een artist impression van het Type 31-fregat van 12 september 2019. (Bron: Babcock)

In Duitsland hopen TKMS en NVL (recent gekocht door Rheinmetall) met hun MEKO A-400 AMD-ontwerp de Denen te overtuigen. Dit zal in Duitsland zelf waarschijnlijk de basis vormen voor de F127-fregatten, waarvan het vier tot acht stuks koopt. Dit is een heel groot luchtverdedigingsfregat met meer dan honderd verticale lanceercellen en (nu nog) voorzien van het Amerikaanse AEGIS.

Daarnaast stelde NVL afgelopen zomer zelf nog de GMF-120 voor op de Danish DALO Industry Days 2025 in Ballerup. De relatief kleine GMF-120 (ruim 121 meter) zou 64 verticale lanceercellen hebben. Ook dit schip zou worden voorgesteld aan de Deense marine.

Vanuit Spanje is er Navantia, dat met de F100 en F110 over twee basisontwerpen beschikt. Het F100-model is de basis van de Spaanse Alvaro de Bazanklasse, waarop later ook de Australische Hobartklasse en Noorse Fridjtof Nansenklasse werden gebaseerd. De F110 is op zichzelf ook een doorontwikkeling van de F100, en zal als Bonifazklasse in de Spaanse marine dienstdoen als fregat voor onderzeebootbestrijding. Navantia stelde vorig maand nog een langdurig partnerschap voor aan de Denen, voor de bouw en onderhoud van toekomstige fregatten. Dit gebeurde tijdens een bezoek van het Spaanse fregat Cristóbal Colón, het nieuwste schip van de Alvaro de Bazanklasse, aan Kopenhagen, in de marge van de NAVO-oefening Steadfast Dart 26.

Vervolgens is er nog Danske Flådeskibe. Dit bestaat uit Odense Maritime Technology, radarspecialist Terma, het Deense pensioenfonds en Semco Maritime, dat vooral actief is binnen de offshore energie-industrie. Dit consortium is gekozen om de nieuwe Arctische patrouilleschepen te bouwen, en wil ook de fregatten graag in Denemarken produceren.

Denemarken heeft dus nog tal van opties voor de nieuwe fregatten. Veel details over de beoogde grootte van de schepen, laat staan de capaciteiten of concrete uitrusting, ontbreken echter nog. De aankoop staat dan ook nog niet voor meteen gepland. Na de verkiezingen van 24 maart 2026 moet nog een nieuwe regering worden gevormd, waarna pas de concrete plannen op gebied van Defensie bekend zullen worden gemaakt.

Kasper Auteur: Kasper Goossens
Kasper schrijft sinds november 2023 als freelance journalist voor Marineschepen.nl. Eerder werkte hij onder meer voor de Belgische nieuwswebsite Business AM, waar hij zich specialiseerde in defensie en geopolitiek. Wekelijks bundelt hij de belangrijkste gebeurtenissen in deze sectoren in een nieuwsbrief op Substack, 'Defense in Brief'. Kasper studeerde Journalistiek aan de Arteveldehogeschool in Gent.


comments powered by Disqus


Marineschepen.nl

Contact

Over deze site

Adverteren

Doneren
Blijf op de hoogte via:

Bluesky

Facebook

LinkedIn

Instagram

Copyright

Alle rechten voorbehouden.

Sinds 13 augustus 2001



Menu
Nieuwsoverzicht

Gerelateerde artikelen

Deense fregatten niet gemoderniseerd maar vervangen

Denemarken wil zes nieuwe fregatten

Ernstige technische problemen Deens fregat in Rode Zee